Franchise opzetten met een coöperatie

Dienstenfranchise geeft verschillende aanspreekpunten voor klanten

Franchiseformules zijn vooral bekend van winkelketens. Daarbij is duidelijk dat je product bij één specifieke winkel koopt en die kunt aanspreken. Maar wat als je een dienstenfranchise wilt opzetten? Krijgen je klanten dan van al je franchisenemers facturen met verschillende namen? Door te werken vanuit een coöperatie kun je zorgen dat je hele groep franchisenemers onder één naam naar buiten treedt.

Franchise onderbrengen in een coöperatie

De franchisenemers zijn dan lid van en werken via de coöperatie. Hierdoor heeft de klant maar één contractpartij. De franchisegever (de eigenaar van het concept of merk dat de kern vormt van de franchise) heeft ofwel een licentie-overeenkomst met de coöperatie, ofwel met elke franchisee. De coöperatie dient dan ook als franchiseraad. Wel moet je goed letten op de fiscale status van de franchisenemers. Als ze ondernemer willen blijven voor de belastingdienst dan moeten ze ook buiten de coöperatie nog werkzaamheden verrichten. Anders is een optie dat ze een eigen BV opzetten, mits ze voldoende zelfstandig werken.

Franchise overeenkomst en statuten moeten op elkaar worden afgestemd

De opzet vergt een goede afstemming van de franchiseovereenkomst met de statuten van de coöperatie. De franchiseovereenkomst zal de meeste bepalingen bevatten en ook de meeste gronden voor ontbinding van de samenwerking. Dan moet ook het lidmaatschap van de coöperatie eindigen. Omdat er al aparte geldstromen lopen voor de franchiseformule, moeten die niet de winstverdeling en bijbehorende fiscale aspecten doorkruisen.

Merk- of inkoopcoöperatie

Ook kan een coöperatie voor de franchisenemers ingericht worden als de houder van het merk of als een soort inkoopvereniging, een inkoopcoöperatie in dit geval. De ondernemers in de coöperatie zijn dan gezamenlijk eigenaar van het merk en/of de systemen en contracten.