Samenwerken als groep: fasen en oplossingen

Van sommige netwerken of een samenwerking krijg je energie. Van andere word je vooral moe. Wat maakt het verschil? Hoe maak je zelf het verschil? Het is functioneel en effectief als je de juiste benadering kunt hanteren.

Drie gouden regels voor elke samenwerking

Hoe je jullie samenwerking ook inricht, houd in elk geval rekening met de volgende punten:

1. Samenwerken moet aantrekkelijk zijn voor alle deelnemers.

Via een samenwerking iets afdwingen werkt niet. Natuurlijk heb je een algemene ledenvergadering waar je besluiten neemt die voor iedereen moeten gelden, maar het best is om te werken op basis van consensus of in elk geval instemming. Een meerderheidsbesluit waarvan een minderheid nadeel heeft werkt misschien op de korte termijn, maar vervolgens kan het best zijn dat de minderheid z’n eigen coöperatie opricht.

2. Samenwerken is discussiëren.

Zorg voor een prettige interactie maar dat hoeft niet te leiden tot hechte vriendschappen. Je start een coöperatie om gezamenlijk je doelen te bereiken. Natuurlijk is niet direct duidelijk hoe dat het best kan. Stevige inhoudelijke discussies en onderhandelingen brengen een samenwerking verder. Vat kritiek niet persoonlijk op maar zie het als feedback om jezelf of jullie concept te verbeteren.

3. Samenwerken kun je leren.

Niet iedereen is vanaf het begin bekend met de inhoud van de statuten en wat de implicaties daarvan zijn. Uitleg en open discussie helpt. Samenwerken is ook geven en nemen, en af en toe wat inschikken om tot een gezamenlijk besluit te komen. Niet elke zelfstandig ondernemer of elke bevlogen initiatiefnemer is zo bekend met dit inschikken. Veel samenwerkingen lopen door een vaste cyclus heen waar ook een onderhandelingsfase in zit. Als je dat weet en onderkent, kun je ook sneller tot een oplossing komen. Hier zijn trainingen en workshops voor.

Een handig beginpunt is ontwikkeld door Eelke Wielinga (zie de figuur). Het aangaan van een samenwerking is een proces, waarbij mensen balanceren tussen eigen belangen (ik) en gemeenschappelijke belangen (wij). In de communicatie speelt vooral de focus op verschillen of overeenkomsten. Als er evenwicht is tussen beide factoren dan is er sprake van een vitale samenwerking.

Uitwisseling
Voor mensen is het heel prettig om vanuit zichzelf te redeneren en dan te zoeken naar overeenkomsten. Zo maak je vaak ook kennis, je wisselt ervaringen en ideeën uit. Dat werkt zolang er voldoende inspiratie is. Als dat niet het geval is, dan verdwijnen mensen gewoon, je krijgt geen reactie meer en het lukt niet een afspraak te maken.

Uitdaging
Als mensen meer gaan kijken naar de verschillen dan komen ze in de uitdagingsfase: hier worden de standpunten ingenomen en vinden ook de onderhandelingen plaats over wat ieders inbreng waard is. Dat kan confronterend zijn, en dat is de reden dat deze fase vaak wordt overgeslagen. Maar mensen willen erkend worden voor wat ze bijdragen, en als je dat niet goed met elkaar uitspreekt dan wreekt zich dat later.

Structuur
Structuur is de manier om vanuit een gezamenlijk perspectief om te gaan met verschillen. Je maakt onderling afspraken over hoe je werkt en hoe het geld verdeeld wordt. De juridische vorm is daar volgend in: dat kan een BV worden, een coöperatie, of alleen een aantal afspraken op papier. Het risico van teveel structuur is dat mensen verstarren: er gebeurt dan niets meer. Zorg daarom dat er in de groep veiligheid en vertrouwen is om waar nodig ook van afspraken af te wijken.

Dialoog
Als partners zich richten op het gezamenlijk belang en wat ze daar samen in kunnen dan is er ruimte voor dialoog. Dit kan echter ook doorschieten: luiheid en ‘Oh wat hebben we het toch fijn’ kan leiden tot stilstand. Af en toe een beetje chaos of opschudding is dan niet verkeerd. Dit brengt de samenwerking terug in de vitale ruimte.