Medewerkersparticipatie en certificaten van aandelen

Veel bedrijven willen hun medewerkers betrokkener maken bij de bedrijfsvoering. Je kunt natuurlijk zeggen dat je naar je medewerkers luistert en hun mening op allerlei manieren in de besluitvorming meenemen. Maar zodra je medewerkers ook aandeelhouder worden in het bedrijf, krijgt de betrokkenheid pas echt vorm.

Zeggenschap, winstdeling of allebei?

De meeste bedrijven kiezen in eerste instantie voor een winstdelingsregeling of een variabele bonus. De inkomsten voor de medewerker zijn dan fiscaal gezien gewoon extra loon. De medewerker heeft geen zeggenschap, maar wel is het mogelijk bij een bonus om specifieke doelstellingen aan te geven. Bij een winstdeling is dat anders, dan telt alleen het totaalresultaat van het bedrijf.

Winstdeling versus aandelen

Bij een winstdeling wordt over het algemeen gekeken naar het feitelijke bedrijfsresultaat van dat jaar, niet zozeer naar de waardestijging van het bedrijf. Bij veel startende bedrijven zal de winst in het begin beperkt zijn, of er is zelfs verlies. Bij meer gevestigde bedrijven kan de winst variëren door incidentele posten.

Op het moment dat je praat over de toekenning van aandelen neem je ook de waardestijging van de onderneming mee. En die is vaak belangrijker dan de winst in een bepaald jaar. Maar hoe regel je dat handig? Soms heeft een bedrijf maar 100 aandelen, afhankelijk van wat er bij de oprichting is vastgelegd. En die kun je alleen splitsen als je naar de notaris gaat.

Economisch en juridisch eigendom

Bij een economisch eigendom van de aandelen verplicht de eigenlijke aandeelhouder zich om alle uitgekeerde dividenden en verkoopwinsten af te staan aan de economisch eigenaar van de aandelen, wat dan de medewerker zal zijn. Dit regel je met een verkoopovereenkomst en hiervoor hoef je niet naar de notaris. Wel zit de verkopende aandeelhouder, die de juridisch eigenaar is, als een partij tussen de het bedrijf en de medewerker.

Wil je ook het juridisch eigendom goed regelen, dan kun je de aandelen bij de notaris overdragen. De notaris rekent hier elke keer wel kosten voor. Een alternatief is om een deel van de aandelen onder te brengen in een aparte, daarvoor opgerichte rechtspersoon. Deze geeft dan certificaten van aandelen uit, en zet alle dividenden en verkoopwinsten direct door. Doordat er niets anders in deze rechtspersoon gebeurt, is het risico voor de certificaathouders (de medewerkers) dat ze hun geld niet krijgen veel kleiner.

Doordat certificaten deelbaar zijn en veel gemakkelijker over te dragen dan aandelen, voorkom je dat je elke keer terug moet naar de notaris bij een wijziging.

STAK of Coöperatie: geen of wel zeggenschap

Die rechtspersoon die aandeelhouder wordt in het bedrijf kan een stichting zijn. Je hebt het dan over een STichting Administratie Kantoor (STAK). Het bestuur van de STAK wordt traditioneel gevormd door de grootste aandeelhouders van de onderneming. Zo zorgen ze dat de STAK nooit tegen kan stemmen.

Een meer moderne vorm is om een coöperatie op te richten. De medewerkers die meedoen in het aandelenplan worden dan lid van de coöperatie, met stemrecht naar rato van hun investering. Samen bepalen ze welk standpunt de coöperatie in moet nemen in de aandeelhoudersvergadering, bijvoorbeeld over de uitkering van het dividend. Dit geeft een grotere betrokkenheid.

In beide gevallen worden eventuele verkoopwinsten bij de verkoop van de aandelen of het gehele bedrijf verdeeld over de medewerkers naar rato van hun aantal certificaten. Op deze manier worden ze vergelijkbaar behandeld als aandeelhouders.

Coöperatie faciliteert geleidelijke bedrijfsoverdracht

Vrijwel iedere ondernemer wil op een gegeven moment afscheid nemen van zijn bedrijf. Je kunt het bedrijf in één keer aan een andere partij verkopen, maar je kunt ook geleidelijk je aandelen overdragen aan (een selecte groep) van je medewerkers. Hiermee bind je die medewerkers, wat belangrijk is voor de continuïteit van je bedrijf, en verklein je het risico van bijvoorbeeld een slechte economische conjunctuur op het moment van je bedrijfsoverdracht.

Of je nu een klein deel of de meerderheid van je bedrijf wilt overdragen, de Coöperatie expert kent de achterliggende processen en kan dit mogelijk maken. We kunnen zowel een STAK als een coöperatie opzetten en op de juiste manier inrichten. Neem contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865 of alfred.griffioen@cooperatieexpert.nl.

 

Aandeelhoudersovereenkomst BV is niet altijd nodig

Een aandeelhoudersovereenkomst is een contract tussen de aandeelhouders waarin je afspraken kwijt kunt die je niet zo snel in de statuten van een BV zet. Maar is zo’n overeenkomst altijd wel nodig?

Model aandeelhoudersovereenkomst als automatisme

Veel juridisch werk is eigenlijk het knippen en plakken van blokken tekst, waarbij iedereen zich bij zijn eigen deeltje van het werk houdt. Bij de oprichting van een BV zorgt de notaris voor de statuten, het liefst volgens een standaard model waarbij alleen nog maar de aandeelhouders en de typen aandelen ingevuld hoeven te worden. De meeste notarissen, en zeker degenen die een BV voor minder dan 500 euro oprichten, leveren geen maatwerk op de akte. Dat moet je maar regelen in de aandeelhoudersovereenkomst.

Een jurist levert dan een model aandeelhoudersovereenkomst, waarin soms dingen staan die de bepalingen uit de statuten weer ontkrachten. Waar de statuten zeggen dat je een nieuwe bestuurder met meerderheid van stemmen kunt benoemen, regelt de aandeelhoudersovereenkomst bijvoorbeeld dat iedere aandeelhouder een bestuurder mag benoemen, en dat de rest daar niet tegen mag stemmen. Vreemd eigenlijk…

Omdat de jurist ook ‘waar voor z’n geld’ moet leveren, krijg je vaak nog een reeks andere clausules cadeau in je concept aandeelhoudersovereenkomst. De vraag is of al die clausules nodig zijn. Maar discussie erover kost vaak weer tijd en dus geld, dus alle ‘drag-along’ en ‘tag-along’ bepalingen komen er automatisch in.

Coöperatie als alternatief voor de BV

De laatste tijd is er meer aandacht voor het oprichten van een coöperatie in plaats van een BV. De reden hiervoor is dat wijzigingen van eigenaren en hun investeringen veel gemakkelijker door te voeren zijn: je hoeft niet elke keer naar de notaris. Ook is het mogelijk om winst uit te keren naar rato van daadwerkelijke inzet in plaats van de vastgestelde aandelenverhoudingen.

Er is veel meer dwingende wetgeving rond de BV dan rond de coöperatie. Dat betekent dat je ook veel meer ruimte hebt in de statuten van een coöperatie om maatwerk te leveren. Je kunt dan ook prima alle zaken die je in een aandeelhoudersovereenkomst wilt vastleggen in de statuten zetten. Als er getallen of percentages zijn die je met instemming van iedereen wilt kunnen aanpassen, kan dat in een apart reglement, zodat je ook daarvoor niet terug hoeft naar de notaris.

Integratie van statuten en aandeelhoudersovereenkomst voorkomt problemen

Het spreekt voor zich dat als je één document hebt in plaats van twee, dat er veel minder verwarring op kan treden over de daadwerkelijke afspraken. Zeker als je dat ene document, de statuten, in heldere en moderne taal opstelt en geen overbodige dingen erin zet. Het is dat voor alle investeerders meteen duidelijk.

Dit is waar we je graag mee helpen. Neem contact op met Alfred Griffioen via 06-24776865 of met Petra Kroon via 06-21591329‬.

STAK oprichten en certificaten van aandelen uitgeven

Veel ondernemers willen hun klanten of medewerkers bij hun bedrijf betrekken, door ze aandelen in het bedrijf te geven.  Of door groupfunding of crowdfunding nieuw investeringskapitaal ophalen. Deze participatie wordt vaak geregeld via een STAK.

STAK: STichting Administratie Kantoor

Bij een STAK-opzet wordt er een stichting opgericht die een deel van de aandelen van het bedrijf in bezit krijgt. De medewerkers, klanten of financiers krijgen vervolgens certificaten van aandelen, die wel recht op winst geven, maar geen zeggenschap. De ondernemer zelf, of een selecte groep aandeelhouders of managers, vormen het bestuur van de STAK, dus de STAK zal nooit een afwijkend standpunt innemen in de besluitvorming. Meestal blijft het aandelenkapitaal van de STAK ook beperkt tot 10 of 20% van het totaal, maar je kunt ook 100% van de aandelen in een STAK zetten.

Wij richten snel en efficient een STAK op

De Coöperatie expert is gespecialiseerd in het formaliseren van samenwerkingen, en samen met onze vaste notaris richten we snel en efficient een STAK op. Afhankelijk van de complexiteit liggen de kosten tussen de 1250 en 1750 euro excl BTW, dit is inclusief:

  1. Een oprichtingsgesprek waarin we helder uitleggen wat de bedoeling is en in brede zin met je meedenken.
  2. Oprichting van de stichting  bij de notaris.
  3. Vaststelling van de adminstratievoorwaarden bij de notaris. Deze bevatten een apart artikel voor als je de uitgifte van certificaten via een electronisch platform wilt regelen, zoals van Eyevestor.
  4. De overdracht van de desbetreffende aandelen naar de stichting, zodat die hiervoor certificaten kan uitgeven.

Het traject begint altijd met een adviesgesprek waarbij we kijken naar jullie doelstellingen en hoe deze het beste gerealiseerd kunnen worden. Mocht je na dit adviesgesprek besluiten om niet met ons en onze notaris door te gaan, dan zijn de kosten hiervoor 450 euro excl BTW.

Alternatief: werknemersparticipatie in een coöperatie

Als je je medewerkers serieus neemt, dan geef je ze ook zeggenschap naar rato van hun investering of als bonus opgebouwde participatie. Nu kan het lastig zijn om grotere groepen medewerkers direct aandelen in het bedrijf te geven, omdat je dan veel mutaties hebt waarvoor je steeds naar de notaris moet. Het is dan handiger om dit te kanaliseren via een coöperatie, die de aandelen van de medewerkers in bezit heeft. Deze coöperatie kan net als een STAK certificaten van aandelen uitgeven.

Het verschil is dat de medewerkers gezamenlijk, naar rato van hun certificaten, hun standpunt bepalen en dit via de coöperatie inbrengen in de aandeelhoudersvergadering. Hierdoor hebben zij daadwerkelijk invloed.

Wanneer een medewerker vertrekt kan hij zijn certificaten desgewenst aan een andere medewerker verkopen. De coöperatie kan hier een bemiddelende rol in spelen. Kleine aantallen of zelfs fracties van aandelen leveren geen administratief probleem op.

Meer weten?

Neem dan contact op met één van onze specialisten:

Corporatie en coöperatie, wat is het verschil?

De termen corporatie en coöperatie worden vaak verwisseld. Dat is niet verwonderlijk als je naar de historie kijkt. Een korte uitleg:

Coöperatie

Een coöperatie is een rechtsvorm die vergelijkbaar is met een vereniging: er zijn leden met een gemeenschappelijk belang, en door samen te werken bereiken ze dit. Bij een vereniging is er geen winstoogmerk, het gaat om ontspanning of een maatschappelijk doel. Bij een coöperatie werken de leden samen voor hun economische behoeften: vaak is dit om winst te maken, of om producten goedkoper in te kopen. Bij de vereniging en de coöperatie wordt het bestuur gekozen door de leden.

Lees hier meer over de verschillende types coöperaties en hoe je die kunt toepassen.

Corporatie

De term ‘corporatie’ wordt het meest gebruikt in de woningbouw: er zijn talloze woning(bouw)corporaties. Vroeger waren dit vaak ook verenigingen of coöperaties, met grote aantallen leden die samen hun woningen bouwden en onderhielden. Toen de coöperaties steeds groter en professioneler werden, veranderde de rechtsvorm vaak naar een stichting: een beperkt aantal bestuurders heeft het voor het zeggen, en als er een bestuurder vertrekt dan kiezen de overgebleven bestuurders een nieuwe.

Wooncoöperatie

De wooncoöperatie is eigenlijk weer opnieuw geïntroduceerd met de woningwet van 2015. Een wooncoöperatie is een vereniging die haar leden in staat stelt om de door hen bewoonde woningen zelfstandig te beheren en te onderhouden. Voorwaarde is dat er ten minste vijf dicht bij elkaar wonende huurders van corporatiewoningen zijn die dit willen. Het gaat dus in dit geval niet om het eigendom van de woningen, maar alleen om het beheer ervan.

Bij een wooncoöperatie is het idee dat de huur lager kan zijn omdat de bewoners het onderhoud en beheer zelf uitvoeren of gerichter kunnen inkopen dan de woningcorporatie die de woningen in bezit heeft. Er zijn diverse waarborgen en verdere randvoorwaarden in de wet ingebouwd.

Wil je meer weten over wooncoöperaties? Neem dan contact op met onze specialist Karin Vosters.

Bedrijfsverkoop en bedrijfsoverdracht aan medewerkers

Als de waarde van je bedrijf vooral bestaat uit goodwill, ofwel je klantenkring, referenties en de kwaliteit van je medewerkers, dan is bedrijfsoverdracht aan een vreemde koper soms lastig. Deze kent niet de specifieke marktkansen en de relatie met je klanten.

Je medewerkers weten dat wel. Zij zijn betrokken en zouden eigenlijk de ideale kopers van je bedrijf kunnen zijn. Maar vaak hebben individuele medewerkers onvoldoende vrij vermogen om jou een goede prijs te bepalen.

Bundel veel kleinere kopers in een coöperatie

In plaats van een management buy-out, waarbij je het bedrijf verkoopt aan een paar managers, kun je ook kiezen voor een medewerkers buy-out, waarbij een groter deel van je medewerkers het bedrijf overneemt. Met name voor bedrijven met 20 tot 200 medewerkers kan dit een goede optie zijn. Niet iedereen hoeft mee te doen, en medewerkers kunnen eventueel ook in tranches of later instappen. Maar de richting is duidelijk: jij verkoopt je aandelen en zij kopen aan.

Om dit flexibel te houden is het handig om een financieringscoöperatie op te richten. Iedere medewerker die mee wil doen, of dat nu met 1000 euro is of met 100.000, wordt lid van de coöperatie en brengt zijn geld in. De coöperatie koopt hiermee in een aantal porties aandelen van de zittende eigenaar of eigenaren. Dit kan heel gecontroleerd gebeuren, en ook verspreid over een aantal jaren.

Formeel geregeld? Nu aan de slag!

De medewerkers oefenen via de coöperatie zeggenschap uit in het bedrijf. In eerste instantie zal het belang van de coöperatie beperkt zijn, en daarmee de zeggenschap ook. Maar op een gegeven moment kan de coöperatie de doorslaggevende stem krijgen, of zelfs de dominante stem. Dat vergt dan ook nieuwe vaardigheden van de medewerkers, die gezamenlijk de koers van het bedrijf moeten bepalen, en bijvoorbeeld ook moeten beslissen over arbeidsvoorwaardenbeleid.

Op het moment dat de coöperatie meer dan 50% van de aandelen bezit, kun je gaan kijken of je het bedrijf niet moet omvormen tot een werknemerscoöperatie. Dat scheelt een laag in de besluitvorming.

Meer weten? Neem contact met ons op!

Als je meer wilt weten, neem dan contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865, of alfred.griffioen@cooperatieexpert.nl.

Full-time via de coöperatie werken, kan dat?

Veel coöperaties beginnen als een samenwerkingsverband van zelfstandig ondernemers, waarbij de leden maar een deel van hun tijd werken via de coöperatie. Maar als de samenwerking succesvoller wordt, kan het zijn dat (bijna) al je opdrachten via de coöperatie lopen. Wat zijn dan je opties?

Als ondernemer voor de inkomstenbelasting: niet

Als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, heb je diverse fiscale voordelen, zoals de mkb-winstvrijstelling en de zelfstandigenaftrek. Dat telt vaak op tot duizenden euro's netto voordeel. Maar hier zitten wel voorwaarden aan: je moet mimimaal 1225 uur per jaar in je onderneming stoppen en je moet die onderneming 'voor eigen rekening en risico' runnen.

Als je al je opdrachten via de coöperatie laat lopen, dek je daarmee een deel van het risico af, bijvoorbeeld voor claims die je achteraf van klanten krijgt. Hier kun je uitgebreid over discussiëren, en dat hebben wij in 2017 en 2018 dan ook met de belastingdienst gedaan. Dit heeft geleid tot een DBA modelovereenkomst voor coöperaties, die wij nu voor al onze ondernemerscoöperaties als ledenovereenkomst gebruiken. De essentie van deze overeenkomst is dat het werk dat je via de coöperatie doet meetelt voor je winst uit onderneming, mits je op basis van het werk dat je buiten de coöperatie om doet, ook als ondernemer aangemerkt kunt worden.

Hier zit dus de belangrijkste beperking: buiten de coöperatie om zul je substantieel werk moeten doen, vaak voor verschillende opdrachtgevers, tegen marktconforme condities. Een paar facturen via je mede-leden of via een tweede of derde coöperatie sturen werkt dus niet. Als ondernemer voor de inkomstenbelasting is full-time werken voor de coöperatie dus niet mogelijk.

Vanuit je eigen BV: vermindert risico's

Je kunt in dienst gaan bij je eigen (holding) BV. Je bent dan geen ondernemer meer voor de inkomstenbelasting en je loopt in elk geval geen risico met betrekking tot enige ondernemersaftrek: hier maak je namelijk geen gebruik van. Je keert jezelf een DGA-salaris uit van 45.000 euro of meer, het exacte bedrag zul je op basis van je persoonlijke situatie met je accountant of fiscalist moeten afstemmen.

Wel blijft er een (klein) risico met betrekking tot je zelfstandigheid. Als je (vrijwel) full-time via de coöperatie werkt, kan de belastingdienst stellen dat je een (fictief) dienstverband bij de coöperatie hebt. In dat geval wordt niet alleen je DGA-salaris met de sinds 2020 gebruikelijke 37,35% belast, maar alles boven de 68.505 euro zelfs met 49,5%, in plaats van effectief circa 38,5% bij winstuitkeringen via je BV.  In je eigen BV ben je niet ‘ondergeschikt’, en hoef je dus geen premies werknemersverzekering af te dragen. In een coöperatie met verschillende leden kun je dat wel zijn, daar kunnen anderen besluiten om jou te ontslaan.

Voor zover wij weten is hier m.b.t. coöperaties nog geen jurisprudentie over. Het belangrijkste criterium voor het al dan niet hebben van een fictief dienstverband is de zelfstandigheid van de persoon in kwestie. Voor de meeste coöperaties die wij oprichten lijkt er een hoge mate van vrijheid in de uitvoering van het werk te zijn en heb je als lid ook de mogelijkheid om opdrachten te weigeren.  Maar we weten dus niet of de belastingdienst hier ooit een punt van zal maken.

Voor coöperaties met maar een paar leden kan het verstandig zijn om elk van die leden bestuurder te maken. Volgens de regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder (of de beter leesbare vertaling in het Handboek loonheffingen) hoeven werknemerspremies ook niet te worden afgedragen voor bestuurders die allemaal een gelijk aandeel hebben. Bij een coöperatie zou dit neerkomen op een gelijkwaardig lidmaatschap. Dit neemt in elk geval het risico van de premiebetaling weg.

In dienst bij je eigen coöperatie: veilige keuze

Als je in dienst gaat bij de eigen coöperatie dan heb je geen grote fiscale voordelen, maar wel zekerheid over je eigen situatie. Alhoewel je een vast basissalaris krijgt, kun je jezelf zeker een ondernemer voelen, aangezien je ook deelt in de winst van de coöperatie.

Je heb hier verschillende mogelijkheden is: de statuten van jullie coöperatie kunnen regelen dat iedereen met een (vast) dienstverband ook lid kan worden van de coöperatie (een werknemerscoöperatie), of alleen werknemers die zich inkopen (dan is het meer een investeringscoöperatie).

De winst die de coöperatie uitkeert wordt voor de werknemers gezien als extra inkomsten uit het dienstverband, en dus met het uitgekeerde salaris samen progressief belast.

Voor de leden die een aanmerkelijk belang hebben, bijvoorbeeld als je minder dan 20 leden hebt, geldt dat ze een gebruikelijk loon moeten ontvangen. Het standaard bedrag hiervoor is 45.000 euro per jaar, maar als het CAO-loon voor een bepaalde functie duidelijk lager is, kun je bij de belastingdienst een verzoek doen om dit loon aan te mogen houden.

Meer informatie?

In veel gevallen moet je echt kijken naar de specifieke situatie van de coöperatie en de leden om tot de beste oplossing te komen. Neem gerust contact op met één van onze specialisten.

Elinor Ostrom’s ‘Governing the Commons’ vertaald naar coöperaties

De VPRO heeft op 1 april 2018 een Tegenlicht aflevering uitgezonden met als titel ‘Ons gemeengoed‘. De centrale vraag daarin was of collectieven op een goede wijze een gemeenschappelijk bezit kunnen beheren, of dat de individuele belangen snel de overhand nemen. Dit werd daarin door hoogleraar Tine de Moor toegelicht.

The tragedy of the commons

Aan de ene kant werd verwezen naar ‘The tragedy of the commons‘ van Garrett Hardin, die er van uit gaat dat elke ‘Homo Economicus’ maximaal gebruik maakt van gezamenlijke middelen, bijvoorbeeld een put of een weide, zelfs als die middelen hierdoor uitgeput raken. Het hiervoor geschetste alternatief is privatisering: als één partij het gemeenschappelijke goed beheert, en iedereen betaalt voor wat hij of zij afneemt, dan is er dus niets meer gratis en nemen mensen alleen dat af wat ze echt nodig hebben.

Governing the commons

Hier tegenover werd het onderzoek gepresenteerd van Elinor Ostrom. Zij heeft een groot aantal gemeenschappen bezocht die hun bezit deelden en toch op goede wijze wisten te beheren. Te denken valt aan visgronden of bossen, of irrigatiesystemen op sawa’s, maar vertaald naar onze economie kan het ook een infrastructuur of netwerk zijn, of een gemeenschappelijk fonds.

Uit het onderzoek van Elinor Ostrom kwamen acht basisprincipes voor het beheer van dit soort gemeenschappelijke goederen. Dit heeft ze verwoord in haar boek ‘Governing the commons‘.

  1. Duidelijke definities van wat de gemeenschappelijke middelen zijn en wie de gebruikers zijn
  2. De regels zijn geschreven op de lokale situatie
  3. Gemeenschappelijke besluitvorming door de bezitters
  4. Zorg dat de gemeenschappelijke zeggenschap erkend wordt door de autoriteiten en overheden buiten de groep
  5. Er is een systeem om het gedrag van elke gebruiker te monitoren
  6. Er zijn steeds zwaarder wordende sancties voor diegenen die de regels overtreden
  7. Goedkope en laagdrempelige arbitrage bij geschillen
  8. Voor grootschalige commons bronnen een gelaagd systeem met lokale groepen

Vertaling naar coöperaties

Een deel van deze principes is al ingebed in de samenwerkingsvorm van een coöperatie:

  • De gemeenschappelijke goederen zijn eigendom van de coöperatie: dit is geregeld met het wettelijk eigendomsrecht (mits het eigendom formeel is overgedragen) en het verenigings/coöperatie recht geeft de basis voor hoe mensen lid van de coöperatie en daarmee gecombineerd eigenaar en gebruiker kunnen worden (principe 1).
  • De coöperatie ken een gemeenschappelijke besluitvorming in de algemene ledenvergadering of ledenraad (principe 3).
  • De gemeenschappelijke zeggenschap is wettelijk erkend (principe 4) en via de rechter is er een arbitrage mechanisme (principe 7). Dit arbitrage mechanisme is echter niet laagdrempelig.

Daarnaast is bij elke groep een hoeveelheid maatwerk nodig. Principe 2 geeft dit al aan. Voor elke situatie moet je kijken wat het economisch belang van de individuele leden is, wat het gemeenschappelijke of zelfs maatschappelijke belang is, en wanneer dit samenvalt of conflicteert. Wij zien dat de vertaalslag van deze belangen in statutaire of contractuele regels vaak de kern is van onze advisering.

Het economische belang van de coöperatie

Een coöperatie is een rechtsvorm voor het realiseren ‘de economische behoeften van de leden’. Het grote verschil met een vereniging is dat er transacties zijn tussen de coöperatie en de leden. Dat kan zo simpel zijn als het halen van water uit een gemeenschappelijke put tot het afnemen van hoogwaardige diensten. Of het gebruik maken van de marketing en verkoopkracht van een coöperatie.

In veel gevallen is er een ledenovereenkomst die de transacties regelt tussen het lid en de coöperatie: hoeveel mag je van de coöperatie afnemen, betaal je daarvoor, op welke manier moet je in activiteiten bijdragen? Vaak zijn de rechten en verplichtingen wel opgenomen, maar de monitoring en de sancties niet. Dit is ook niet het meest prettige onderwerp om over te praten en consensus te krijgen, maar voor een langdurig succesvol beheer wel essentieel (principes 5 en 6). Het instellen van een soort Raad van Arbitrage kan met name voor grotere collectieven een goede keus zijn, bij kleine groepen is er daarvoor vaak teveel belangenverstrengeling, en val je dus terug op de rechter (principe 7).

Bij grotere collectieven raken de leden vaak de binding met de gemeenschappelijke organisatie kwijt, bijvoorbeeld bij melkveehouders coöperaties waar de leden een ledenraad kiezen, die dan weer een raad van bestuur controleert, met daaronder een grote organisatie. Een gelaagd systeem van inspraak (principe 8) biedt dan een oplossing. Dit kan erg goed met de kringengedachte uit de sociocratie. Ook die kringen vallen goed in te bedden in een coöperatie.

Samenwerken in een ‘common’

Als het belang van de leden bij de coöperatie puur economisch is, dan is dit vaak goed vorm te geven in statuten en contracten. Dat laat onverlet dat een groep wel op een goede manier met elkaar moet leren samen te werken.

In relatief kleine gemeenschappen, zoals Elinor Ostrom deze heeft onderzocht, zijn er veel andere structuren die het gedrag van mensen bepalen. Je zit in de ‘common’ met je oom, de buurman of de leverancier van je schapen, mensen die je kent, en dat dwingt lange termijn gericht gedrag af, ook waar het gaat over samen vergaderen. Waar het in onze individuele maatschappij gaat om meer ‘gelegenheidscollectieven’, kan het nuttig zijn om aandacht te geven aan hoe de besluitvorming plaatsvindt. Dit om te zorgen dat iedereen aan bod komt en niemand overheerst. Wellicht zou dit een soort 9e principe moeten zijn.

Wanneer een groep een maatschappelijke voorziening beheert, met name waar het gaat om vastgoed, speelt nog een ander dilemma: als het vastgoed stijgt in waarde is het plotseling voor de beheerders gezamenlijk aantrekkelijk om dit te verkopen, en het maatschappelijke doel, bijvoorbeeld van goedkope huisvesting, los te laten. Dit levert een conflict op tussen de initiatiefnemers, die mogelijk niet eens meer in de groep zitten, en degenen die van de verkoop profiteren. Dit is wel te voorkomen, bijvoorbeeld met een blijvend instemmingsrecht door de initiatiefnemers of een overheid, maar vergt wel extra aandacht.

Conclusie

Kortom: het organisatorisch inrichten van een ‘common’ is wel een klus, maar niet één zonder richtlijnen. Eerder hadden we al een blog gepubliceerd over ‘vijf belangrijke bepalingen voor coöperatie statuten‘, de ontwerp principes van Elinor Ostrom geven hiervoor nog een groter kader aan.

Klanten binden? Geef ze echte inspraak!

Hoe kun je klanten bij je bedrijf betrekken op een zodanige wijze dat ze niet snel bij je weg zullen lopen? ‘Goed naar je klanten luisteren’ is het advies wat iedere ondernemer krijgt, maar wat doe je in een omgeving met veel concurrentie? De oplossing kan liggen in het geven van echte zeggenschap.

Echte zeggenschap is meer dan een ideeënbox of advies. Belangrijke beslissingen over je portfolio, kortingstructuur, verpakking of benaderingswijze kun je prima voorleggen aan je klanten, en hen daar echte zeggenschap in geven. Als de kaders maar helder zijn.

Natuurlijk moet je wegblijven bij die onderwerpen waar van nature tegenstellingen liggen tussen de rol als klant en de rol van de ondernemer. Klanten willen lage prijzen, maar elke euro korting gaat bij de ondernemers van de winst af. Maar de keuze voor het wel of niet introduceren van een tussenmaat verpakking bijvoorbeeld, kun je prima samen met je klanten nemen.

Wie krijgen dan die zeggenschap? Bijvoorbeeld alle klanten die een bepaald minimum volume afnemen. Je kunt hun inspraak bundelen, bijvoorbeeld door ze lid te maken van een klantencoöperatie en die coöperatie zeggenschap te geven in je onderneming. Tegenwoordig kun je dit ook in een BV uitstekend doen met winstloze aandelen, die wel zeggenschap hebben. Zeker als de rest van de zeggenschap verdeeld is over meerdere personen, dan kunnen de klanten de doorslaggevende stem hebben.

In elk geval dwingt het je tot een echt serieuze dialoog met deze stakeholdergroep. En dat past ook weer prima bij meer maatschappelijk gedreven ondernemingen.

Right to Challenge en inbesteden in een coöperatie

Met het Right to Challenge kunnen gemeenten ruimte geven aan bewonersinitiatieven om bepaalde taken, zoals het groenbeheer of het exploiteren van een sportlocatie, zelf uit te voeren, in plaats van dat de gemeente dit doet. De bewoners krijgen hiervoor dan een budget.

Right to Challenge en inbesteden

Overheden besteden steeds meer taken uit aan commerciële bedrijven. Dit kan echter ten koste gaan van binding met de bewoners van de wijk waar het werk plaats vindt (bijvoorbeeld een groendienst uit Apeldoorn die in Arnhem komt snoeien), de participatie van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of de minder goed te meten kwaliteitsaspecten van het werk (bijvoorbeeld vriendelijkheid).

In veel gevallen gaat het om werk dat inwoners, met een beetje extra begeleiding en soms met behoud van uitkering, heel goed zelf kunnen doen. Op die manier vergroot je zelfredzaamheid en eigenwaarde. Onder de term Right to Challenge hebben nu steeds meer gemeenten een regeling waarbij bewoners hun diensten kunnen aanbieden voor werkzaamheden die de gemeente anders zou uitbesteden.

Inbesteden is de term die wordt gebruikt om werkzaamheden die eerst zijn uitbesteed, weer terug te halen naar de eigen (gemeentelijke) organisatie. Maar je kunt inbesteden ook anders vormgeven: bijvoorbeeld door taken eerst aan te bieden aan lokale (burger) organisaties voordat je ze uitbesteed.

Coöperatie is een flexibele werkvorm

Inwoners die samen zelf werk in hun wijk of dorp willen uitvoeren kunnen een coöperatie oprichten. Dit is een rechtspersoon met een eigen bankrekening en eigen bezittingen. Hierbij kun je ook  de aansprakelijkheid van de individuele leden uitsluiten, wat de drempel voor burgers om bij te dragen verkleint.

De leden kiezen hun bestuur, dat het aanspreekpunt is voor een fonds, subsidiegever of opdrachtgever (gemeente, provincie of een woningbouwcorporatie). Het bestuur moet duidelijke plannen maken en toestemming krijgen van de algemene ledenvergadering om die plannen te gaan uitvoeren. Hierdoor is elke keer zichtbaar wat het draagvlak is van de voorstellen en acties van de coöperatie.

Snel op te richten

Een coöperatie kun je relatief snel oprichten. Er zijn minimaal twee initiatiefnemers nodig die ook meteen de eerste leden zijn. En er moet minimaal één lid zijn die de bestuurstaken op zich wil nemen. Soms wordt daar een externe voor benoemd. De gemeente neemt meestal niet deel maar kan het initiatief wel faciliteren door de oprichtingskosten en eventueel een aantal uren begeleiding te betalen.

In de statuten kunje waarborgen opnemen over de doelstellingen van de coöperatie en de verbondenheid met het dorp of de wijk. Er kan een raad van toezicht zijn, of een zijdelingse rol voor de gemeente, maar dit kan juist ook weer verlammend werken. Dit moet je dus per situatie beoordelen.

De coöperatie expert heeft uitgebreide ervaring in het oprichten en begeleiden van coöperaties. Neem gerust contact op met één van onze adviseurs.

 

West-Nederland
Karin Vosters
06-20407824

Oost-Nederland
Guus Koster
06-28842293

Erik Doorenspleet

Noord-Nederland
Erik Doorenspleet
06-48440604

Mondragon en het succes van coöperatief ondernemen

Van 12 t/m 15 maart heeft een delegatie van de Coöperatie expert een bezoek gebracht aan Mondragon, in Spaans Baskenland. Mondragon is bekend om de circa 100 coöperaties die daar actief zijn, met in totaal 250 bedrijven en 75.000 medewerkers wereldwijd. Tijdens ons bezoek hebben we vooral gekeken naar de structuur van dit Mondragon-cluster en wat we hiervan in de Nederlandse situatie kunnen toepassen.

CE groep MondragonOnze groep met gastheer Ander Exteberria

De 100 coöperaties van Mondragon

De basis voor Mondragon ligt in de circa 100 werknemerscoöperaties, verdeeld over diverse bedrijfstakken, zoals retail, banking, maar vooral de maakindustrie. Deze zijn allemaal op een vergelijkbare manier gestructureerd:

  • Na twee jaar gewoon dienstverband krijg je ofwel een aanbod om lid te worden, ofwel je contract wordt beëindigd.
  • Om lid te worden moet je 15.000 euro aan kapitaal inleggen. Hier zijn betalingsregelingen voor of kun je bij een bank lenen. Dit kapitaal krijg je terug als je met pensioen gaat of naar het buitenland verhuist. Of je neemt het mee als je bij een andere Mondragon coöperatie gaat werken.
  • Hiermee is elke 'vaste' werknemer lid, en mag deze ook deelnemen aan de algemene ledenvergadering, die het beleid vaststelt en het bestuur van de coöperatie benoemt.
  • Het bestuur benoemt de general manager van de coöperatie, en regelt ook de verkiezingen voor een 'social committee', dat een belangrijke rol speelt in de communicatie met de werknemers.
  • De verhouding tussen het laagste en hoogste salaris in de coöperatie is maximaal een factor 6. Het laagste salaris is momenteel rond de 15.000 euro per jaar. Het hoogste salaris ligt daarmee rond de 90.000 euro, zelfs voor een multinational als het supermarkt-concern Eroski.
  • Van de netto winst wordt 30% toegekend aan de medewerkers, naar rato van ieders salaris. Dit bedrag wordt toegevoegd aan het kapitaal dat je hebt ingelegd. 10% gaat naar lokale goede doelen, de overige 60% is voor de algemene reserves van de coöperatie.
  • In principe wordt niemand ontslagen, maar omgeschoold naar ander werk binnen de coöperatie of binnen Mondragon. Dit is zelfs gelukt bij het faillissement van één van de grotere bedrijven een paar jaar terug.

De Mondragon Intercorporatie

Mondragon cooperatieDe wijze van kapitaalinleg vanuit enkel de werknemers maakt verdere financiering lastig en ook de werkgelegenheidsgaranties zijn voor een individuele coöperatie moeilijk waar te maken. Daarom werken de 100 coöperaties samen in 14 divisies en binnen Mondragon Cooperation. Dit wordt de Intercorporatie genoemd. Belangrijke elementen hierbij zijn:

  • Coöperaties zijn gegroepeerd binnen divisies, waarbinnen zij 10 to 40% van hun winst herverdelen. Hierdoor is net alsof de bedrijven een aandeel in elkaar hebben en wordt onderling zaken doen gestimuleerd.
  • 12% van de winst gaat naar een overkoepelend fonds, dat subsidies of leningen verstrekt aan de coöperaties die dit nodig hebben, of dat investeert in de nieuwe startende coöperaties of in kennisontwikkeling. Beide herverdelingen gaan vóór de uitkering aan medewerkers.
  • Er is een centrale organisatie van circa 60 medewerkers, die deze fondsen beheert, zorgt voor overall financiële rapportage, contacten met banken en verzekeraars. Ook deze organisatie is een werknemerscoöperatie, die zijn financiering krijgt van de verschillende divisies.
  • Alle coöperaties kiezen samen een General Assembly, en alle divisies samen een General Council, die de President van de Mondragon groep benoemt. De President en de Vice-presidents voor de verschillende divisies hebben echter voornamelijk informele macht. De Mondragon Cooperation is geen holding; ze is van alle betrokken coöperaties. Haar doel is alle coöperaties te ondersteunen met middelen, lobby, gezamenlijke voorzieningen en uitwisseling van kennis en ervaring
  • Als een werknemerscoöperatie lid worden van de Mondragon groep committeer je je aan de diverse afspraken over het (juist wel of niet) overnemen van werknemers, herverdelen van winsten en gezamenlijke werkwijzen.
  • Er worden geen nieuwe coöperaties  toegelaten tot de groep die concurreren met bestaande coöperaties. Wel worden binnen bestaande coöperaties soms nieuwe activiteiten ontplooit.

Cultuur als belangrijke drager

Het stelsel van afspraken zoals hierboven weergegeven is behoorlijk bindend, en het werkt tot nu toe goed. Er is één grote coöperatie failliet gegaan, en bij één later toegetreden coöperatie hebben de leden hun bedrijf verkocht aan een multinational, die hierop een genereus bod heeft uitgebracht. Tekenend is dat dit een coöperatie uit Barcelona is, dus niet uit de Mondragon regio zelf. De stabiliteit heeft in hoge mate te maken met de lokale cultuur.

Baskenland, zoals veel noordelijke regio's, heeft een cultuur met een hoge waardering voor  werk als voorwaarde voor persoonlijke ontwikkeling, zelfbeschikking en solidariteit. Mondragon begon ooit als opleidingsinstituut met als grondlegger priester José María Arizmendiarrieta. Hij zag werk als een mogelijkheid om je te ontwikkelen en om 'Gods schepping af te maken'. De coöperaties hebben als primair doel het verschaffen van werkgelegenheid, ze zijn 'human-centric', niet 'capital-centric'. De slogan van Mondragon is 'Humanity at work'.

Het is diezelfde cultuur van hard werken en gematigdheid die ervoor zorgt dat een maximaal inkomensverschil van 6 tussen het hoogste en laagste inkomen in een coöperatie gehandhaafd kan blijven. En juist het feit dat er niet een directieteam met een groot deel van de winst van door gaat, levert weer de basis voor solidariteit en het herverdelen van geld van winstgevende bedrijven naar niet-winstgevende bedrijven.

Effect op de regio

Mondragon is gegroeid van een krimpregio naar een regio met voorspoed. Het gemiddelde welvaartsniveau ligt in de regio aanzienlijk hoger. Zo is het gemiddelde inkomen zo’n 11.000 euro per medewerker op jaarbasis meer dan van een gemiddelde arbeider elders in Spanje. Het eigen pensioenstelsel zorgt ervoor dat mensen ook na hun werkzame leven goed kunnen leven. Zorg is coöperatief georganiseerd en veel beter afgestemd op de vraag.

Onderwijs van de lagere school tot aan de universiteit is coöperatief georganiseerd. Het zit in het systeem van de Basken in deze regio. En het werkt. Is het allemaal Halleluja? Nee, ook daar kennen ze het fenomeen van wegtrekkende jongeren naar de steden, recentelijk is voor het eerste in de historie een grote coöperatieve onderneming failliet gegaan, leden zijn daardoor hun geld kwijtgeraakt. Maar gelukkig vangt het sociale vangnet hen op en weten ze dat ze binnen twee jaar weer elders aan de slag kunnen.

Toepasbaarheid in Nederland

Wat kunnen we nu meenemen uit Spanje naar Nederland om hier toe te passen?

  • In de eerste plaats het fenomeen werknemerscoöperatie: deze zijn er nog weinig in Nederland, terwijl ze eigenlijk prima passen binnen ons huidige arbeidsstelsel en de groeiende behoefte aan zingeving en eigenaarschap bij medewerkers. Wellicht dat kleine groepen eerder kiezen voor ondernemerscoöperaties vanwege de fiscale voordelen van ondernemerschap. Maar de regels voor kapitaalinleg en winstverdeling die in Mondragon gebruikt worden, kunnen prima in Nederland worden toegepast.
  • Daarnaast het stelsel van intercorporatie: dit bevordert de stabiliteit van de diverse bedrijven, stimuleert samenwerking en biedt voordelen op het gebied van ondersteunende taken. Als je de afspraken wat strakker zou maken dan kun je dit ook toepassen op een groep BV's of eenmanszaken. Mondragon kan dan een mooi voorbeeld zijn voor regionale economische versterking, en een lokale overheid zou de aanzet kunnen geven voor de 'Intercorporacion'.
  • Tot slot de overlegcultuur en het betrekken van medewerkers. Binnen werknemerscoöperaties moet je je plannen wel helder uitleggen, want uiteindelijk beslist een grote groep. Alhoewel ook daar het succes varieert van coöperatie tot coöperatie, heeft Mondragon een  mindset van uitleggen en betrekken. Die kan ook voor veel Nederlandse organisaties leerzaam zijn.

Verdiep je verder...

Als je meer wilt weten over Mondragon, kijk dan deze Tegenlicht documentaire (45 minuten). Wil je zelf Mondragon ervaren, ga dan mee op één van de studiereizen die vanuit de Coöperatie expert worden georganiseerd. Meer informatie vind je hier. Of bel één van onze adviseurs om mee te denken over de toepassing in jouw gebied of organisatie.

Mondragon coöperatie studiereis 8 tot 11 oktober 2019

De Coöperatie expert organiseert een studiereis naar Mondragon. U bent van harte uitgenodigd om mee te gaan naar dit voorbeeld van een zeer succesvolle coöperatie in het Spaanse Baskenland.

Mondragon: coöperatie broedplaats bij uitstek

Mondragon spreekt tot de verbeelding. Het gebied rondom dit kleine plaatsje in Spaans Baskenland, telt meer dan 260 coöperaties. De Mondragon Coöperatie is daarmee uitgegroeid tot de grootste coöperatie ter wereld. Alle coöperaties in het gebied zorgen voor ruim 75000 banen. In vrijwel elke coöperatie zijn werknemer mede-eigenaar en beslissen ze samen welke keuzes het bedrijf moet maken. Deze coöperatieve vorm van ondernemen blijkt een succes. Mondragón maakt hoogtechnologische producten en is uitgegroeid tot een multinational met vestigingen over de hele wereld. Met een eigen universiteit gaan onderwijs, ondernemen en innovatie hand in hand. Onder de Coperacion Mondragon vallen banken, overheden, multinationals, landbouworganisaties, onderwijs, zorg en nog veel meer.

Mondragon cooperatieOm bestuurders, ondernemers, overheid, onderwijs en een ieder die interesse heeft in het coöperatieve gedachtegoed te inspireren wordt een studiereis georganiseerd in oktober 2019. Er is plaats voor maximaal 24 deelnemers.

Tijdens de studiereis maken we kennis met de principes van deze coöperatie die de financiële crisis goed heeft doorstaan. We brengen een bezoek aan diverse coöperaties en maken kennis met de manier waarop de coöperatie daar werkt. Wat kunnen we ervan leren en hoe is een soortelijk model te projecteren op de situatie in regio’s van Nederland. Kan vooruitgang van Nederland rondom coöperatieve organisaties verder vorm gegeven worden

Er is volop ruimte om voor vragen en in discussie te gaan over managementmodel, werknemersparticipatie, onderwijs, de werking van het financiële systeem, de rol van de overheid etc.

Reis en verblijf

We verblijven in het driesterren Hotel Mondragon in Arrasate. In het hart van het gebied. Dit is de uitvalsbasis voor onze excursies.  De prijs voor deze studiereis is 1.895 euro exclusief BTW en dit is gebaseerd op een eenpersoonskamer.

Inbegrepen:  transfers, 3 hotelovernachtingen inclusief ontbijt, diner, wijnarrangement bij diner, lunches, excursies Mondragon, reisbegeleiding, vervoer per bus etc.

Niet inbegrepen: vlucht naar Bilbao, reis en/of annuleringsverzekeringen, drankjes voor eigen gebruik.

Programma

Het programma is onder voorbehoud en zal nog nader worden afgestemd met de organisatie om specifieke deelnemerswensen daarin mee te nemen. De reis gaat door bij voldoende deelname. Het programma ziet er globaal als volgt uit:

Dinsdag 8 oktober

12:00 Verzamelen Schiphol (vluchten vanaf Brussel mogelijk)
14:25 Vertrek vanaf Schiphol met KLM
16:30 Aankomst Bilbao
Transfer naar Hotel Mondragon in Mondragon.
Gezamenlijk diner

Woensdag 10 oktober

9:30 Ontvangst Hoofdkantoor Mondragon
10:00 Transfer naar Otalara, het management en trainingscentrum voor presentatie en interactie: wat zijn de uitdagingen van de coöperatie in deze tijd.
13:30 Lunch
15:30 bezoek aan een industriële coöperatie
17:00 Einde bezoek eerste dag, retour Hotel Mondragon.
21:00 Diner

Donderdag 11 oktober

9:30 Bezoek aan de universiteit van Mondragon
11:30 Presentatie MONDRAGON´s Bank LABORAL KUTXA.
13:30 Lunch Otalora
15.30 Bezoek aan onderwijsinstelling
17:00 Einde bezoek
21:00 Diner volgens typisch Spaans Baskische traditie

Vrijdag 12 oktober

9:30 Bezoek aan SAIOLAN – het Company Incubation Centre. Transfer Otalora
11:30 Slotbijeenkomst, hoe kunnen we dit projecteren op de eigen situatie?
13:00 Lunch Otalora
15:00 Vertrek richting Bilbao Airport
17.10 Vertrek vanaf Bilbao Airport
21:00 Aankomst op Schiphol

 

Wat eerdere deelnemers schreven in hun evaluatie

‘een bezoek aan Mondragon geeft inzicht in een coöperatie waar zeggen en doen nog heel dicht op elkaar zit’

‘Zeer inspirerende en leerzame studiereis die je meeneemt in de geheimen van het succes van het coöperatieve model van Mondragon waardoor je geïnspireerd thuis hiermee aan de slag kan in je eigen praktijk. Zeker een aanrader.’

‘Deze inspiratiereis is een echte inspiratietip!’

‘Een eyeopener voor bestuurders, zowel profit als not -for profit’

‘In mijn 35jarige carrière als directeur en bestuurder kan ik met recht zeggen dat deze studiereis mij het meest heeft geïnspireerd van allemaal’

‘Ik gun anderen graag zoiets te beleven als wat wij hebben meegemaakt’.

Reisorganisatie

Erik Doorenspleet, regioadviseur van de Coöperatie expert organiseert deze reis. Naast zijn werk als regioadviseur is hij werkzaam als social impact adviseur. Hij heeft een verleden in de reiswereld en zet zijn expertise graag in om anderen te inspireren.

Aanmelden?

U kunt contact opnemen meet Erik Doorenspleet via erik.doorenspleet@cooperatieexpert.nl. Of volg direct deze link om u aan te melden. Ook als u vragen heeft of meer informatie wilt, kunt u uiteraard contact opnemen via bovengenoemd e-mailadres of op 06-48440604.

VOF contract of overeenkomst: waar moet je vooral op letten?

Een vennootschap onder firma is eenvoudig op te zetten met een overeenkomst en het registeren van een gezamenlijke naam bij de Kamer van Koophandel. Je hoeft niet naar de notaris, maar je kunt de overeenkomst alleen wijzigen als alle vennoten instemmen.

Voordelen van een vof

Alle vennoten kunnen zelfstandig ondernemer voor de belastingdienst zijn, zodat iedereen gebruik kan maken van de ondernemersaftrek. Je hoeft maar één boekhouding bij te houden, die van de vof, en aan het eind van het jaar wijs je de winst toe aan de verschillende vennoten. Het is aan te raden om de basis voor die verdeling vast te leggen in je overeenkomst.

Nadelen van een vof

Je bent allemaal persoonlijk aansprakelijk voor de schulden van de vof. Als je collega dus een grote fout maakt, kan het zijn dat jij daardoor je huis moet verkopen. Daarnaast beslis je gezamenlijk over alle uitgaven, dus je collega's bepalen mede of je een nieuwe laptop krijgt of welke leaseauto.

Het vof contract: waar moet je op letten?

Veel vof contracten die je op internet vindt bevatten vooral algemene formules en starten vaak met een grote set definities. Een contract hoeft niet in formele taal geschreven te zijn om geldig te zijn. Wij vinden het vooral belangrijk dat het helder is voor beide partijen. Dus het kan gewoon beginnen met 'Murat Eli en Frederieke Steensma gaan samen marketingwerkzaamheden verkopen onder de naam Expressionals'.

In de eerste plaats moet het contract de financiële afspraken weergeven. Als je samen een opdracht doet, hoe bepaal je wie welk deel van de opbrengsten krijgt? En als je moet investeren, welk bedrag betaalt ieder van jullie?

Daarnaast moet je regelen wat er gebeurt als iemand ziek wordt of geen tijd heeft, als een opdracht fout loopt, of als je klant niet betaalt. Bespreek met elkaar die situaties, gebruik voorbeelden, en schrijf de belangrijkste afspraken gewoon op in je eigen bewoordingen. Maak het wel concreet, dus niet: 'dan vinden we samen wel een oplossing' maar: 'zolang we geen betere oplossing vinden, betaalt ieder de helft van de herstelkosten'.

Kijk ook hoe je uit elkaar wilt gaan. Wie mag welke klanten meenemen, hoe gaat het met spullen die je samen hebt gekocht?

Let op het aangaan van verplichtingen

Bij een vof zijn beide vennoten gebonden aan de afspraken die één van hen maakt. Dus als de een een Porsche koopt op bedrijfsnaam, kan de leverancier een eventuele vordering ook op de ander verhalen. Of als de één een opdracht aanneemt voor 1000 euro, maar de uitvoering blijkt 10.000 euro te kosten, dan is ook de ander daarvoor aansprakelijk.

Je regelt dit bij de Kamer van Koophandel met een zogenaamde procuratieregeling. Bijvoorbeeld dat iedereen uitgaven mag doen tot 500 euro, en dat voor het aannemen van werk jullie altijd allebei moeten tekenen. Dit wordt dan zichtbaar in het handelsregister zodat de partijen met wie jullie zaken doen, dit kunnen checken (wat ze overigens vaak niet doen).

Wil je aansprakelijkheid beperken? Kijk dan naar een coöperatie

Als je niet de onbeperkte aansprakelijkheid wilt die hierboven beschreven is, dan kun je in plaats van een vof ook een coöperatie oprichten. Dat werkt vooral goed als je maar een deel van je werk samen doet en ook zelf nog opdrachtgevers hebt. Je factureert dan vanuit je eenmanszaak naar de coöperatie, en die factureert de klant. Lees hier meer...

Meer informatie?

Neem contact op met één van onze specialisten:

Werknemersparticipatie: meer dan alleen certificaten van aandelen

Veel bedrijven willen hun medewerkers betrokkener maken bij de bedrijfsvoering. Je kunt natuurlijk zeggen dat je naar je medewerkers luistert en hun mening op allerlei manieren in de besluitvorming meenemen. Maar zodra je medewerkers ook aandeelhouder worden in het bedrijf, krijgt de betrokkenheid pas echt vorm.

Zeggenschap, winstdeling of allebei?

De meeste bedrijven kiezen in eerste instantie voor een winstdelingsregeling of een variabele bonus. De inkomsten voor de medewerker zijn dan fiscaal gezien gewoon extra loon. De medewerker heeft geen zeggenschap, maar wel is het mogelijk bij een bonus om specifieke doelstellingen aan te geven. Bij een winstdeling is dat anders, dan telt alleen het totaalresultaat van het bedrijf.

Winstdeling versus aandelen

Bij een winstdeling wordt over het algemeen gekeken naar het feitelijke bedrijfsresultaat van dat jaar, niet zozeer naar de waardestijging van het bedrijf. Bij veel startende bedrijven zal de winst in het begin beperkt zijn, of er is zelfs verlies. Bij meer gevestigde bedrijven kan de winst variëren door incidentele posten.

Een manier om de medewerker te laten delen in de waardegroei van het bedrijf zijn zogenaamde Stock Appreciation Rights. Hierbij krijgt de medewerker de waardestijging van de aandelen gedurende de looptijd van de regeling als een soort bonus uitgekeerd. Dit geeft ook precies het nadeel aan van de regeling: omdat het als een bonus wordt gezien, is het voordeel belast als inkomsten in box 1.

Op het moment dat je praat over de toekenning van aandelen neem je ook de waardestijging van de onderneming mee, terwijl deze bij de medewerker meestal worden belast in box 3, met een vrij lage heffing. Maar hoe regel je dat handig? Soms heeft een bedrijf maar 100 aandelen, afhankelijk van wat er bij de oprichting is vastgelegd. En die kun je alleen splitsen als je naar de notaris gaat.

Economisch en juridisch eigendom

Bij een economisch eigendom van de aandelen verplicht de eigenlijke aandeelhouder zich om alle uitgekeerde dividenden en verkoopwinsten af te staan aan de economisch eigenaar van de aandelen, wat dan de medewerker zal zijn. Dit regel je met een verkoopovereenkomst en hiervoor hoef je niet naar de notaris. Wel zit de verkopende aandeelhouder, die de juridisch eigenaar is, als een partij tussen de het bedrijf en de medewerker.

Wil je ook het juridisch eigendom goed regelen, dan kun je de aandelen bij de notaris overdragen. De notaris rekent hier elke keer wel kosten voor. Een alternatief is om een deel van de aandelen onder te brengen in een aparte, daarvoor opgerichte rechtspersoon. Deze geeft dan certificaten van aandelen uit, en zet alle dividenden en verkoopwinsten direct door. Doordat er niets anders in deze rechtspersoon gebeurt, is het risico voor de certificaathouders (de medewerkers) dat ze hun geld niet krijgen veel kleiner.

Doordat certificaten deelbaar zijn en veel gemakkelijker over te dragen dan aandelen, voorkom je dat je elke keer terug moet naar de notaris bij een wijziging.

STAK of Coöperatie: geen of wel zeggenschap

Die rechtspersoon die aandeelhouder wordt in het bedrijf kan een stichting zijn. Je hebt het dan over een STichting Administratie Kantoor (STAK). Het bestuur van de STAK wordt traditioneel gevormd door de grootste aandeelhouders van de onderneming. Zo zorgen ze dat de STAK nooit tegen kan stemmen.

Een meer moderne vorm is om een coöperatie op te richten. De medewerkers die meedoen in het aandelenplan worden dan lid van de coöperatie, met stemrecht naar rato van hun investering. Samen bepalen ze welk standpunt de coöperatie in moet nemen in de aandeelhoudersvergadering, bijvoorbeeld over de uitkering van het dividend. Dit geeft een grotere betrokkenheid.

In beide gevallen worden eventuele verkoopwinsten bij de verkoop van de aandelen of het gehele bedrijf verdeeld over de medewerkers naar rato van hun aantal certificaten. Op deze manier worden ze vergelijkbaar behandeld als aandeelhouders.

Coöperatie faciliteert geleidelijke bedrijfsoverdracht

Vrijwel iedere ondernemer wil op een gegeven moment afscheid nemen van zijn bedrijf. Je kunt het bedrijf in één keer aan een andere partij verkopen, maar je kunt ook geleidelijk je aandelen overdragen aan (een selecte groep) van je medewerkers. Hiermee bind je die medewerkers, wat belangrijk is voor de continuïteit van je bedrijf, en verklein je het risico van bijvoorbeeld een slechte economische conjunctuur op het moment van je bedrijfsoverdracht.

Of je nu een klein deel of de meerderheid van je bedrijf wilt overdragen, de Coöperatie expert kent de achterliggende processen en kan dit mogelijk maken.

Meer weten?

We kunnen zowel een STAK als een coöperatie opzetten en op de juiste manier inrichten. Neem contact op met een van onze specialisten. 

Medewerkers binden? Geef ze echte inspraak!

Voor bedrijven wordt het steeds lastiger om hun medewerkers te binden, of dit nu gaat om werknemers in loondienst of om freelancers. En in een aantal sectoren, waar er werk in overvloed is, is de beschikbaarheid van capaciteit essentieel.

Als je ergens wat over te zeggen hebt, dan ben je er meer bij betrokken. Werkend vanuit dat uitgangspunt moet je je medewerkers of freelancers juist mee laten beslissen over je bedrijf. In samenspraak kom je tot betere ideeën.

Een aantal onderwerpen kun je hiervan uitsluiten: de hoogte van de salarissen bijvoorbeeld, want hier is altijd een tegenstelling tussen de ondernemer en de werknemers. Ook individuele beoordeling en ontslag moet een aangelegenheid van de directie blijven. Anders wordt de zeer vriendelijke maar niet zo productieve medewerker nooit aangepakt. Hier is ook al veel geregeld in CAO’s en wetgeving, dus daar zit ook niet veel speelruimte.

Voor de rest hebben medewerkers eenzelfde belang als het bedrijf: continuïteit en groei, want groei geeft carriere-perspectief. Zolang medewerkers  niet mee-investeren, kan hun rol beperkt blijven tot zeggenschap, op het moment dat ze ook geld inleggen, is er natuurlijk ook recht op winstdeling.

Je kunt dit op verschillende manieren vormgeven. Veel bedrijven zijn al bekend met een STichting Administratie Kantoor (STAK), maar dat is juist de manier om medewerkers winstdeling te geven en geen zeggenschap. Iets wat je sinds de invoering van de Flex-BV in 2012 ook prima kunt regelen met stemrechtloze aandelen. Op eenzelfde manier kun je winstloze aandelen creëren. En als je niet bij elke personeelswisseling naar de notaris wilt, dan kun je een coöperatie oprichten voor je medewerkers, en die een bepaald percentage zeggenschap in je bedrijf geven.

Voor detacheerders van tijdelijk personeel hebben we ook wel gekeken naar een coöperatie waarin het personeel of de flexwerkers zelf over een bepaald budget mogen beschikken voor opleiding en voor gezamenlijke events. Dit is een wat minder vergaande vorm, die zeker ook interessant kan zijn.

Diverse bedrijven hebben als de overstap gemaakt van BV naar een coöperatie. Wat daarbij altijd van belang is, is het respecteren van de investering die de eigenaren tot dan toe hebben gedaan. Zij hebben hun nek uitgestoken en ondernemersrisico gelopen, en daar past ook een beloning bij. Die is op diverse manieren vorm te geven, ofwel door de verkoop van aandelen, ofwel door een afdrachtregeling over de omzet of winst. In alle gevallen zijn bedrijven ontstaan met meer betrokkenheid van degenen die er in werken.

Meer weten? Neem contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865.

 

BV oprichten met twee of meer aandeelhouders

Als je met meer mensen een BV opricht, moet je onderlinge afspraken maken over zeggenschap en winstverdeling. Vaak wordt naast de statuten nog een aandeelhoudersovereenkomst opgesteld: dit is een contract tussen de aandeelhouders waarin je afspraken kwijt kunt die je niet zo snel in de statuten van een BV zet.

Wat is een aandeel?

Bij een BV wordt het kapitaal dat de oprichters hebben ingebracht verdeeld in aandelen, eigenlijk gewoon 'stukjes'. Een aandeel geeft in de basis twee rechten: winstrecht en zeggenschapsrecht. Bij de introductie van de flex-BV in 2012 is het ook mogelijk geworden om aandelen uit te geven die of alleen winstrecht hebben, of alleen zeggenschapsrecht. Zo kun je iemand die meer investeert bijvoorbeeld 60% van de zeggenschaprechten geven, maar zijn stemrecht op 50% houden.

De aandelenverhouding is een verwachting

De aandelenverhouding is een verwachting van hoeveel elk van de aandeelhouders zal bijdragen aan het bedrijf. Als er alleen maar geld ingelegd hoeft te worden, dan kun je kijken naar de bedragen. Maar in veel gevallen zal er ook tijd geïnvesteerd moeten worden, zonder dat daar direct een beloning tegenover staat.

Die onzekerheid over hoeveel iedereen daadwerkelijk zal bijdragen geeft vaak problemen:

  • Jeroen en Evert richten een BV op. Ze krijgen allebei 50% van de aandelen. Evert gaat tussendoor een wereldreis maken en laat Jeroen doorwerken. Krijgt hij nog steeds 50% van de winst?
  • Marian en Sietske starten samen en hebben beide 50% van de aandelen. Marian doet de marketing, Sietske de techniek. Sietske besluit dat ze hulp nodig heeft van Erik. Krijgt Erik nu ook aandelen, en komen die van Sietske of van allebei?
  • Evelien, Tim en Okko hebben samen een start-up. Evelien en Tim besluiten dat Okko weinig waarde meer toevoegt en willen hem uit het bedrijf zetten. Hoe werkt dit? En houdt Okko zijn derde van de aandelen?

De flexibiliteit die je wilt, is alleen niet in een BV vorm te geven. Dat kan eventueel wel in een coöperatie, waarbij je ieders aandeel opbouwt naar rato van diens inbreng.

Is een aandeelhoudersovereenkomst nodig?

Bij de oprichting van een BV zorgt de notaris voor de statuten, het liefst volgens een standaard model waarbij alleen nog maar de aandeelhouders en de typen aandelen ingevuld hoeven te worden. De meeste notarissen, en zeker degenen die een BV voor minder dan 500 euro oprichten, leveren geen maatwerk op de akte. Dat moet je maar regelen in de aandeelhoudersovereenkomst.

Een jurist levert dan een model aandeelhoudersovereenkomst, waarin soms dingen staan die de bepalingen uit de statuten weer ontkrachten. Waar de statuten zeggen dat je een nieuwe bestuurder met meerderheid van stemmen kunt benoemen, regelt de aandeelhoudersovereenkomst bijvoorbeeld dat iedere aandeelhouder een bestuurder mag benoemen, en dat de rest daar niet tegen mag stemmen. Dit maakt de regels rond de samenwerking vaak onnodig complex.

Coöperatie is flexibeler dan de BV

Bij een coöperatie kun je de winstverdeling van meer factoren afhankelijk maken, bijvoorbeeld ook de daadwerkelijke (in plaats van de verwachte) inbreng van de investeerders. Elke maand of elk kwartaal ken je op basis van een objectief reglement certificaten toe voor de inbreng in geld en tijd. Hoe meer certificaten iemand heeft, des te groter zijn stemrecht en winstrecht, oftewel zijn 'aandeel'.

Daarnaast heeft een coöperatie als voordeel dat je voor wijzigingen in de aandelenverhoudingen of bij het toetreden van nieuwe investeerders niet terug hoeft naar de notaris. De coöperatie houdt zelf het leden- en certificatenregister bij, bijvoorbeeld op een platform zoals www.eyevestor.com.

Er is veel meer dwingende wetgeving rond de BV dan rond de coöperatie. Dat betekent dat je ook veel meer ruimte hebt in de statuten van een coöperatie om maatwerk te leveren. Je kunt dan ook prima alle zaken die je in een aandeelhoudersovereenkomst wilt vastleggen in de statuten zetten. Als er getallen of percentages zijn die je met instemming van iedereen wilt kunnen aanpassen, kan dat in een apart reglement, zodat je ook daarvoor niet terug hoeft naar de notaris.

Meer weten over investeren in een coöperatie?

Lees meer over onze investeringscoöperatie, start-up coöperatie of financieringscoöperatie. Of neem contact op met één van onze specialisten.

Burgerparticipatie en samenspraak organiseren in een coöperatie

Voor overheden is het vaak lastig om burgerparticipatie te organiseren en de inbreng van inwoners en ondernemers te betrekken bij het beleid wat je maakt. Enerzijds willen gemeenten en provincies eigen initiatief stimuleren en gebruik maken van kennis en ervaring van belanghebbenden. Anderzijds moeten ze heel duidelijk en realistisch zijn over de verschillende rollen en verantwoordelijkheden.

Burgerinitiatieven ondersteunen

Burgerinitiatieven kunnen erg krachtig zijn en door hun verbondenheid met de buurt of wijk soms veel effectiever dan een gemeente. Voor veel initiatieven zijn geld en faciliteiten nodig die individuele initiatiefnemers niet alleen kunnen organiseren. Voor subsidie aanvragen is een rechtspersoon nodig.

Coöperatie is een flexibele werkvorm

Initiatiefnemers kunnen zich verenigen en een vereniging of coöperatie. Dit is een rechtspersoon met een eigen bankrekening en eigen bezittingen. Hierbij kun je ook  de aansprakelijkheid van de individuele leden uitsluiten, wat de drempel voor burgers om bij te dragen verkleint.

Het verschil tussen een vereniging en coöperatie zit in het bedrijfsmatige karakter van de werkzaamheden. Een coöperatie is een vereniging met een bedrijf, dat werk doet met of voor de leden. Enkel inspraak en belangenbehartiging, of culturele doelen passen het beste binnen een vereniging. Als er een pand beheerd moet worden, zorgdiensten verleend of een zonnepanelen-installatie gebouwd moet worden, dan is een coöperatie de juiste vorm.

De leden kiezen hun bestuur, dat het aanspreekpunt is voor een fonds, subsidiegever of opdrachtgever (gemeente, provincie of een woningbouwcorporatie). Het bestuur moet duidelijke plannen maken en toestemming krijgen van de algemene ledenvergadering om die plannen te gaan uitvoeren. Hierdoor is elke keer zichtbaar wat het draagvlak is van de voorstellen en acties van de coöperatie.

Snel op te richten

Een coöperatie kun je relatief snel oprichten. Er zijn minimaal twee initiatiefnemers nodig die ook meteen de eerste leden zijn. En er moet minimaal één lid zijn die de bestuurstaken op zich wil nemen. Soms wordt daar een externe voor benoemd. De gemeente neemt meestal niet deel maar kan het initiatief wel faciliteren door de oprichtingskosten en eventueel een aantal uren begeleiding te betalen.

In de statuten kunje waarborgen opnemen over de doelstellingen van de coöperatie en de verbondenheid met het dorp of de wijk. Er kan een raad van toezicht zijn, of een zijdelingse rol voor de gemeente, maar dit kan juist ook weer verlammend werken. Dit moet je dus per situatie beoordelen.

De coöperatie expert heeft uitgebreide ervaring in het oprichten en begeleiden van coöperaties, ook voor burgerparticipatie. Neem gerust contact op met één van onze adviseurs.

 

West-Nederland
Karin Vosters
06-20407824

Oost-Nederland
Guus Koster
06-28842293

Erik Doorenspleet

Noord-Nederland
Erik Doorenspleet
06-48440604

De beste (en onbetwistbare) naam voor je bedrijf

Als je een samenwerking aangaat, of zelf een bedrijf opzet, dan wil je naar buiten treden onder een duidelijke naam die weergeeft wat je doet. Er zijn verschillende manieren om je naam vast te leggen. Check bij voorkeur alle opties of niet iemand anders jouw naam al in gebruik heeft.

URL of website-adres

Je URL staat voor Uniform Resource Locator en is het adres op het internet waar mensen je website kunnen vinden. Bijvoorbeeld www.cooperatieexpert.nl. Dit is vaak het eerste waar je naar kijkt. Voor initiatieven in Nederland is de extensie .nl nog steeds het handigst, heb je internationale ambities dan zullen mensen eerder een .com adres verwachten. Extensies zoals .eu, .asia, of .nu kunnen ook, maar kunnen sneller tot verwarring leiden.

Coöperaties kunnen met hun inschrijving bij de Kamer van Koophandel een .coop domeinnaam aanvragen. Voor meer informatie klik hier.

Handelsnaam: doe een KvK naam check

Kamer van KoophandelAls je een coöperatie of ander bedrijf opricht, dan moet je je inschrijven bij de Kamer van Koophandel. Hiervoor kies je een handelsnaam. De Kamer van Koophandel kijkt of die handelsnaam niet tot verwarring kan leiden. Alle handelsnamen kun je vinden in  het handelsregister: www.kvk.nl.

Als er al een bedrijf met dezelfde handelsnaam actief is in de regio waar jij actief wilt worden, dan zal dit vaak niet kunnen. Sommige bedrijven zijn in het hele land actief, en dan moet je dus een andere naam kiezen. Bakker Meesters in Sneek zal Bakker Meesters in Den Haag niet echt in de weg zitten. Maar als iemand al ‘De Nederlandse Servicecentrale’ heeft geregistreerd, dan kun je die naam niet meer kiezen.

Een coöperatie moet in zijn handelsnaam altijd het woord ‘Coöperatie’ of ‘coöperatief’ opnemen. ‘Coöperatieve’ wordt door de Kamer van Koophandel ook geaccepteerd. Als je een coöperatie U.A. bent, dan komen daar die letters ook nog bij. De aanduiding van wat voor rechtspersoon je bent, is niet onderscheidend genoeg. Dus als er al een Merivo BV is geregistreerd, dan kun je niet een Merivo Coöperatie U.A. registreren. Wel bijvoorbeeld Merivo Nederland Coöperatie U.A.

Check de beschikbaarheid van de handelsnaam voor de oprichting. Anders moet je wellicht weer terug naar de notaris om je naam te wijzigen. Heb je de door jou gewenste handelsnaam al geregistreerd bij een andere rechtspersoon, dan moet je ‘m mogelijk daar laten vervallen of wijzigen.

Merknaam

Het registreren van een merknaam is optioneel, maar wel belangrijk. Als je een merknaam hebt geregistreerd voor een bepaald gebied, dan kun je anderen verbieden om die naam daar te gebruiken. Zelfs als ze deze wel als handelsnaam hebben geregistreerd!

Het zal voor iedereen duidelijk zijn dat je problemen krijgt als je je bedrijf ‘Coca Cola Coöperatie U.A.’ noemt. Maar zo zijn er nog veel meer namen geregistreerd. Je vind alle namen bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom, het register vind je hier.

Bij elk merk vind je een aantal nummers, van de categorieën waarvoor dat merk geldt. Hiervoor geldt de Nice classificatie. Goederen zijn in de Nice-classificatie ondergebracht in de klassen 1 tot en met 34, en diensten in de klassen 35 tot en met 45. Elke klasse wordt aangeduid met een klasseomschrijving, die algemene informatie geeft over het type goederen of diensten dat onder die klasse valt. Bijvoorbeeld, de omschrijving van klasse 25 luidt ‘Kledingstukken, schoeisel, hoofddeksels’ en die van klasse 38 ‘Telecommunicatie’.

Een merk kan dus voor verschillende bedrijven voor verschillende klassen geregistreerd staan. Jij gebruikt wellicht ‘Splendid’ voor juridische diensten, waar een ander bedrijf dit merk gebruikt voor schoensmeer. Check dus of de categorie waar jij het merk voor wilt gebruiken nog vrij is. Een merknaamregistratie voor de Benelux kost 240 euro voor maximaal drie categorieën. Na vijf jaar moet je dit weer vernieuwen. Een internationale merknaamregistratie kost beduidend meer.

Het is niet altijd mogelijk om een merknaam te registreren voor elke categorie. Je merknaam mag namelijk niet beschrijvend zijn. Als jij ‘Legal team’ wil registreren in klasse 45, ‘Juridische dienstverlening’, dan zal dat niet lukken. In klasse 27, ‘Tapijten’, is dat geen enkel probleem. Aan de andere kant: als jij met ‘Legal team’ juridische diensten aanbiedt, dan kunnen anderen dat ook, maar niemand kan jou op basis van het merkenrecht in de weg zitten.

Conclusie

Het beste is als je een naam kunt verzinnen waar je de goede URL bij kunt vinden, waar de handelsnaam nog vrij is en waarvoor je je merknaam kunt registreren. De URL’s zijn vaak het snelst weg, dus registreer die meteen. De handelsnaam wordt meestal een dag na de oprichting geregistreerd, dus check dat nog even vlak van tevoren. Een merknaam is lastiger over te dragen, dus registreer die pas vlak na de oprichting, en dan direct op naam van je coöperatie of andere rechtsvorm.

Cooperatie De Proefschuur biedt lokale producten aan

Cooperatie de proefschuurWat wil je nog meer dan een heerlijk vers product, dat ‘om de hoek’ is geteeld? Dat kan, want onder de naam ‘De Proefschuur’ worden aardappels en groenten aangeboden die op Voorne-Putten geteeld worden. Lekker vers en van dichtbij, dus Voorne-Putten op je bord!

De inspiratie voor deze cooperatie kwam tijdens een presentatie van Annemarie van Gaal en zijn heeft recent ook de eerste tas met producten in ontvangst genomen.

Ruim 50 boeren en tuinders van Voorne-Putten doen mee aan ‘De Proefschuur’ Coöperatie. Zij zijn in staat om dagverse producten te leveren. Omdat alles lokaal geteeld wordt zijn weinig kilometers nodig om de gezonde producten bij supermarkt en cateraars te bezorgen.

De Cooperatie expert heeft de groep geholpen met de oprichting. Bekijk de video die onlangs over hen is gemaakt.

Coöperatie expert helpt Vietnamese coöperatie door te groeien

In november 2017 is onze collega Alfred Griffioen mee geweest met een missie van Agriterra om de Vietnamese coöperatie Cleverfarm te helpen met z’n verdere ontwikkeling. De coöperatie bestaat nu uit zo’n 188 leden die cashewnoten produceren en richt zich vooral op productieverbetering.

Wat nieuw is is dat de cooperatie ook een positie moet krijgen in het verzamelen en doorleveren aan de lokale fabriek. Nu doen veel handelaren dat, wat onzekerheid oplevert voor wat betreft de prijs en de wijze waarop kwaliteit wordt bepaald. Ook kan de coöperatie meer waarde toevoegen door een Certificate of Origin en door andere certificering.

Samen met nog een Nederlandse en een lokale adviseur heeft Alfred het aanbod voor de leden helderder gemaakt en de kaders gezet voor het verzamelproces en de levering aan de fabriek. Het nieuwe business model was nog niet verwerkt in de statuten, dus ook dat is aangepakt. In december is er een algemene ledenvergadering, waar de nieuwe richting formeel doorgevoerd zal worden.

Cleverfarm

Toezicht in coöperaties – verslag PIT Café op 13 november 2017

De Coöperatie expert heeft op 13 november een bijeenkomst georganiseerd over toezicht in coöperaties, samen met de NCR en het Platform Innovatie in Toezicht.

De Afrikaanderwijk coöperatie ontving ons in Het Gemaal ‘op Rotterdam Zuid’. Het is een coöperatie van ondernemers in de wijk die met en voor elkaar hun activiteiten ontwikkelen en promoten. Wijkbewoners krijgen er de kans om hun ondernemersvaardigheden te ontwikkelen. De coöperatie heeft een Raad van Toezicht.

Kernvraag van de bijeenkomst

Centrale vraag voor dit PITcafé is wat de meerwaarde kan zijn van Raad van Toezicht of Commissarissen in een Coöperatie waarin de Algemene Ledenvergadering het hoogste orgaan is. De wijze van besluitvorming is in de regel afhankelijk van omvang en aard van de coöperatie. Grote Coöperaties hebben vaak een Ledenraad die de Algemene Ledenvergadering vertegenwoordigt in samenwerking met het bestuur. De coöperatie kan een samenwerkingsverband zijn van verschillende bedrijven; BV, Stichting of andere coöperaties.

Annet van Otterloo, uitvoerend coördinator van de Afrikaanderwijk Coöperatie, nam ons mee in het verhaal van de ondernemers en inwoners van de Afrikaanderwijk coöperatie, die samen het ondernemersklimaat in hun wijk willen versterken. Grootste uitdaging is de betrokkenheid van veel verschillende leden met veel verschillende achtergronden, vaardigheden en belangen actief te betrekken bij de organisatie en ontwikkeling van de coöperatie, die uit meerdere coöperaties bestaat.

Wilbert van den Bosch gaf uitleg over verschillende type coöperaties en hun eigenschappen in termen van governance. Hij vertelde over de geschiedenis van de coöperatieve vereniging en gaf mooie voorbeelden

Karin Doms deelde haar persoonlijke ervaring als commissaris van Rabobank Utrecht; over samen-spraak met de Ledenraad en de Raad van Bestuur.

Verplicht toezicht – Meerwaarde – Ledenraad – Bestuur

In drie groepen bespraken we aandachtspunten voor coöperaties;

  • die wettelijk verplicht zijn om een Raad van Toezicht in te stellen;
  • de verhouding tussen een Ledenraad en een Raad van Toezicht en,
  • de meerwaarde van een Raad van Toezicht met externe leden naast de Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan van de coöperatie. 

Hieruit kwamen de volgende aandachtspunten voor Toezicht in coöperaties:

  • Hou het overzichtelijk en eenvoudig!
  • Meerwaarde van Toezicht met externe leden geeft legitimiteit maatschappelijke stakeholders en is bij inzet van publieke middelen of publieke taken zoals zorg, verplicht. Maak goede afspraken in de ALV over hoe de RvT of RvC haar rol invult en samenwerkt met een eventuele Raad van Bestuur en/ of Ledenraad.
  • Raad van Toezicht of Commissarissen biedt soms extra procesmatige, inhoudelijke, bedrijfseconomische expertise. Vraag je af of een Raad van Advies beter past, naast ALV als hoogste en toetsende orgaan.

Dank aan Wilbert van den Bosch, Annet van Otterloo en Karin Doms voor deze co-productie!  Getekend PIT partner en coöperatie expert, Karin Vosters