Coöperatie expert helpt Vietnamese coöperatie door te groeien

In november 2017 is onze collega Alfred Griffioen mee geweest met een missie van Agriterra om de Vietnamese coöperatie Cleverfarm te helpen met z’n verdere ontwikkeling. De coöperatie bestaat nu uit zo’n 188 leden die cashewnoten produceren en richt zich vooral op productieverbetering.

Wat nieuw is is dat de cooperatie ook een positie moet krijgen in het verzamelen en doorleveren aan de lokale fabriek. Nu doen veel handelaren dat, wat onzekerheid oplevert voor wat betreft de prijs en de wijze waarop kwaliteit wordt bepaald. Ook kan de coöperatie meer waarde toevoegen door een Certificate of Origin en door andere certificering.

Samen met nog een Nederlandse en een lokale adviseur heeft Alfred het aanbod voor de leden helderder gemaakt en de kaders gezet voor het verzamelproces en de levering aan de fabriek. Het nieuwe business model was nog niet verwerkt in de statuten, dus ook dat is aangepakt. In december is er een algemene ledenvergadering, waar de nieuwe richting formeel doorgevoerd zal worden.

Cleverfarm

Toezicht in coöperaties – verslag PIT Café op 13 november 2017

De Coöperatie expert heeft op 13 november een bijeenkomst georganiseerd over toezicht in coöperaties, samen met de NCR en het Platform Innovatie in Toezicht.

De Afrikaanderwijk coöperatie ontving ons in Het Gemaal ‘op Rotterdam Zuid’. Het is een coöperatie van ondernemers in de wijk die met en voor elkaar hun activiteiten ontwikkelen en promoten. Wijkbewoners krijgen er de kans om hun ondernemersvaardigheden te ontwikkelen. De coöperatie heeft een Raad van Toezicht.

Kernvraag van de bijeenkomst

Centrale vraag voor dit PITcafé is wat de meerwaarde kan zijn van Raad van Toezicht of Commissarissen in een Coöperatie waarin de Algemene Ledenvergadering het hoogste orgaan is. De wijze van besluitvorming is in de regel afhankelijk van omvang en aard van de coöperatie. Grote Coöperaties hebben vaak een Ledenraad die de Algemene Ledenvergadering vertegenwoordigt in samenwerking met het bestuur. De coöperatie kan een samenwerkingsverband zijn van verschillende bedrijven; BV, Stichting of andere coöperaties.

Annet van Otterloo, uitvoerend coördinator van de Afrikaanderwijk Coöperatie, nam ons mee in het verhaal van de ondernemers en inwoners van de Afrikaanderwijk coöperatie, die samen het ondernemersklimaat in hun wijk willen versterken. Grootste uitdaging is de betrokkenheid van veel verschillende leden met veel verschillende achtergronden, vaardigheden en belangen actief te betrekken bij de organisatie en ontwikkeling van de coöperatie, die uit meerdere coöperaties bestaat.

Wilbert van den Bosch gaf uitleg over verschillende type coöperaties en hun eigenschappen in termen van governance. Hij vertelde over de geschiedenis van de coöperatieve vereniging en gaf mooie voorbeelden

Karin Doms deelde haar persoonlijke ervaring als commissaris van Rabobank Utrecht; over samen-spraak met de Ledenraad en de Raad van Bestuur.

Verplicht toezicht – Meerwaarde – Ledenraad – Bestuur

In drie groepen bespraken we aandachtspunten voor coöperaties;

  • die wettelijk verplicht zijn om een Raad van Toezicht in te stellen;
  • de verhouding tussen een Ledenraad en een Raad van Toezicht en,
  • de meerwaarde van een Raad van Toezicht met externe leden naast de Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan van de coöperatie. 

Hieruit kwamen de volgende aandachtspunten voor Toezicht in coöperaties:

  • Hou het overzichtelijk en eenvoudig!
  • Meerwaarde van Toezicht met externe leden geeft legitimiteit maatschappelijke stakeholders en is bij inzet van publieke middelen of publieke taken zoals zorg, verplicht. Maak goede afspraken in de ALV over hoe de RvT of RvC haar rol invult en samenwerkt met een eventuele Raad van Bestuur en/ of Ledenraad.
  • Raad van Toezicht of Commissarissen biedt soms extra procesmatige, inhoudelijke, bedrijfseconomische expertise. Vraag je af of een Raad van Advies beter past, naast ALV als hoogste en toetsende orgaan.

Dank aan Wilbert van den Bosch, Annet van Otterloo en Karin Doms voor deze co-productie!  Getekend PIT partner en coöperatie expert, Karin Vosters

Maatschap of vof: verschil en aansprakelijkheid

Het grootste verschil tussen een maatschap en vof is de aansprakelijkheid van de leden. Die aansprakelijkheid is bij een maatschap iets beperkter, maar je bent nog steeds persoonlijk aansprakelijk voor de fouten van je partners. De enige manier om die aansprakelijkheid wel uit te sluiten, is met een BV of coöperatie.

VOF

Bij een vof (vennootschap onder firma) zijn de vennoten ieder aansprakelijk voor de alle schulden van de vof. Dus ook de schulden veroorzaakt door een andere vennoot.

Een vennootschap onder firma zet je op met een contract tussen de vennoten en schrijf je vervolgens in bij de Kamer van Koophandel. Een vof wordt vaak gebruikt voor mensen die samen een bedrijf hebben, bijvoorbeeld een marketingbureau, een winkel of productiebedrijf.

De vof is fiscaal transparant. Opdrachtgevers van de vennootschap gelden als jouw opdrachtgevers, en de gemaakte winst wordt elk jaar verdeeld over de vennoten.

Maatschap

Bij een maatschap zijn de maten ieder aansprakelijk voor een gelijk deel van de schulden van de maatschap. Daarnaast kan een opdrachtgever er voor kiezen om een maat volledig aansprakelijk te stellen, als dat degene is aan wie specifiek de opdracht is verleend.

Een maatschap zet je op met een contract tussen de maten en schrijf je vervolgens in bij de Kamer van Koophandel. Een maatschap wordt vaak gebruikt voor mensen met een zelfstandig beroep die samen werken 'beroepsbeoefenaren'.

De maatschap is fiscaal transparant. Opdrachtgevers van de maatschap gelden als jouw opdrachtgevers, en de gemaakte winst wordt elk jaar verdeeld over de maten.

BV of coöperatie

Bij een BV of coöperatie als samenwerkingsvorm is er een aparte rechtspersoon die aansprakelijk is richting oprdrachtgevers. De achterliggende eigenaren kunnen alleen het geld kwijtraken dat ze hierin gestoken hebben.

Een BV of coöperatie richt je op bij een notaris. Van deze twee is de coöperatie het meest flexibel qua zeggenschap, winstverdeling en om nieuwe partners toe te laten.

Een BV of coöperatie is niet fiscaal transparant. Als je al je werk doet via deze rechtspersoon, dan heb je fiscaal gezien maar één opdrachtgever. Winst kun je verdelen of tijdelijk oppotten.

Niet blij met de aansprakelijkheid? Overweeg een coöperatie.

Als je niet al je activiteiten via de vof of maatschap doet, maar ook nog een deel rechtstreeks aan opdrachtgevers kunt factureren (vanuit een eigen eenmanszaak bijvoorbeeld) dan is een ondernemerscoöperatie een goed alternatief. Je kunt dan je ondernemersvoordelen houden en toch de aansprakelijkheid voor fouten van je mede-ondernemers grotendeels beperken. Lees meer...

Workshops over alle aspecten van samenwerken in een coöperatie

De Coöperatie expert organiseert regelmatig workshops over verschillende aspecten van de coöperatie. Hierin leggen we onderwerpen helder uit en beantwoorden we vragen van de deelnemers.

De groepsgrootte is maximaal 15 personen. Je kunt je via onderstaande links direct inschrijven.

Datum Onderwerp Stad
Donderdag 31 mei 2018 Samenwerken en afspraken maken in je coöperatie Amsterdam
Maandag 2 juli 2018 De coöperatie administratie en de fiscus Zwolle
Woensdag 12 september 2018 Sociaal maatschappelijke coöperaties Rotterdam
Dinsdag 30 oktober 2018 De coöperatie administratie en de fiscus Eindhoven
Maandag 10 december 2018 Omgaan met licenties en bescherming van je concept Amsterdam

Alle workshops starten om 19.30 u en duren circa twee uur. De kosten voor elke workshop zijn 75 euro excl BTW per deelnemer. Hieronder vind je de uitgebreide workshopbeschrijvingen.

Samenwerken en afspraken maken in je coöperatie

Eerstvolgende workshop: woensdag 31 mei 2018 in Amsterdam. Schrijf je hier in.

Je coöperatie is een samenwerkingsverband van meer of minder leden. Als je samen aan het werk gaat maak je afspraken over je logo, website, opdrachten, verdeling van taken en wellicht ook van winst.

Hoe jullie afspraken maken hangt af van jullie doel en van jullie ervaringen en achtergrond. Je kunt veel aan het bestuur over laten of de leden over alles laten meepraten. Je kunt beslissingen met meerderheid van stemmen nemen, in je eentje of bijvoorbeeld met consent.

Je kunt afspraken tot in detail voorbereiden of in een bijeenkomst laten ontstaan. Je kunt staand vergaderen, per email, in stilte of met strakke gespreksregels. Verdoe geen tijd aan te lang vergaderen. Geef ieder lid effectief zeggenschap met duidelijke rollen en gespreksregels tijdens jullie ledenvergaderingen.

De coöperatie administratie en de fiscus

Eerstvolgende workshop: maandag 2 juli 2018 in Zwolle. Schrijf je hier in.

Workshop Cooperatie expertEen coöperatie heeft als kenmerk dat deze zaken doet met met haar leden én met derden. Hoe regel je dat goed? In deze bijeenkomst gaan we in op de diverse contracten en overeenkomsten die je nodig hebt, en hoe je het administratief goed kunt regelen.

De focus van deze bijeenkomst ligt op de relatie tussen de coöperatie en de leden, en hoe de fiscus dat ziet. Hoe vertaal je afspraken met derden door naar de leden. En bij ondernemerscoöperaties: blijven de leden nog zelfstandig ondernemer volgens de wet DBA?

Sociaal maatschappelijke coöperaties

Eerstvolgende workshop: woensdag 12 september 2018 in Rotterdam. Schrijf je hier in.

Ons vertrouwen in grote organisaties en instellingen neemt de laatste jaren af. Wij willen (en moeten) meer zaken zelf regelen en zelf invloed hebben op de zaken die ons leven beïnvloeden. De coöperatie kan een antwoord zijn op vragen die uit de nieuwe ontwikkelingen in de samenleving naar voren komen.

In een coöperatie kun je, in een samenwerking met anderen, zelf verantwoording nemen en gezamenlijk activiteiten ontplooien die maatschappelijk relevant zijn. Zaken als gezamenlijk energie opwekken (in een energiecoöperatie), gezamenlijk de voorziening in je dorp of wijk in stand houden (in een maatschappelijke coöperatie) of samen met bewoners in je eigen buurt, collectief een onderneming opzetten (in een bewonerscoöperatie), soms met behoud van uitkering.

Mensen in een sociaal moeilijke situatie hebben beslist capaciteiten, maar omdat bepaalde vaardigheden onvoldoende ontwikkeld kunnen zijn of sociale aansluiting kan missen, zijn zij soms afhankelijk van anderen, of van een uitkering. Participatiecoöperaties leveren dan een oplossing, vaak met een subsidie of ondersteuning van een gemeente of maatschappelijke organisatie, maar soms ook volledig zelfstandig.

In deze workshop geven wij handvatten en bespreken we concrete voorbeelden met als doel om individuen en groepen te inspireren om sociale of maatschappelijke initiatieven vorm te geven in een coöperatie.

Omgaan met licenties en de bescherming van je concept

Eerstvolgende workshop: maandag 10 december 2018 in Amsterdam. Schrijf je hier in.

Bij initiatiefnemers van een samenwerkingsvorm zoals een coöperatie, staat altijd het enthousiasme over het samen delen en vermenigvuldigen voorop. Vaak hebben de oprichters van de coöperatieve samenwerking al een concept en een gezamenlijke naam die ze krachtig in de markt willen gaan zetten.

Soms is zo’n idee spontaan ontstaan, maar soms heeft één van de oprichters al langere tijd gewerkt aan een concept, of er wordt al gedurende enige tijd met de naam gewerkt, waardoor er al reputatie is ontwikkeld en een bepaalde (merk-) waarde is gegroeid. Dan is er sprake van intellectueel eigendom en is het verstandig om na te denken over het vastleggen hiervan.

Ook als er een gezamenlijk idee ontstaat, kun je vragen hebben over het vastleggen van de naam, het (beeld-) merk, het concept, het gebruik hiervan door je samenwerkingspartners en de vergoeding die hier mogelijkerwijs tegenover kan staan.

Wat zijn dan de verwachtingen van de coöperatie (leden) ten aanzien van de dienstverlening door degene die het concept ontwikkeld heeft en wat zijn de (kwaliteits-) garanties die de leden dan aan de initiatiefnemer moeten geven? Wat spreek je daarover af? Wat moet je vastleggen in een (licentie- of franchise) overeenkomst en hoe ga je om met licentie-vergoedingen of franchise-fees?

Voorkom dat je na de start-up conflicten krijgt over het concept, de merklicentie of het IP en stel al je vragen tijdens deze workshop!

De Code Sociale Ondernemingen toegepast in een coöperatie

Deze zomer heeft social-enterprise.nl de Code Sociale Ondernemingen vastgesteld. Een helder document met daarin vijf principes:

  • Principe 1: Missie: geborgd en inzichtelijk
  • Principe 2: Relevante stakeholders: bepaling en dialoog
  • Principe 3. Financiën: in overleg en zorgvuldig afgewogen
  • Principe 4. Implementatie: registreren en reflecteren
  • Principe 5. Transparantie: actief en toegankelijk

In een aantal gevallen is bepaald dat de uitwerking van deze principes ook moet worden vastgelegd in de statuten van de organisatie. En op zich is dat prima mogelijk. Enkel als je een BV hebt kan het derde principe, dat o.a. winstuitkering aan oprichters en geldverstrekkers wil beperken, wringen met de wetgeving rond dit rechtstype. Bij een coöperatie is dat niet het geval.

Hoe vertaal je nu die principes naar statuten? Daar gaan we in de komende weken mee aan de slag. Een voorzet:

Missie

De missie moet helder in de statuten staan, en het moet duidelijk zijn welk probleem de sociale onderneming oplost. Dit is prima te doen. Wijziging van deze missie moet niet te gemakkelijk zijn, maar dat is bij een coöperatie al standaard geregeld door een grotere vereiste meerderheid bij statutenwijzigingen. De relevante stakeholders (zie principe 2) kunnen hier een rol in krijgen.

Relevante stakeholders

De sociale onderneming houdt een dialoog met relevante stakeholders die de gezichtspunten van de verschillende zakenpartners kunnen inbrengen. De code lijkt hier te kiezen voor concrete personen in plaats van organisatievertegenwoordigers. Hoe die dialoog plaats vindt is niet gespecificeerd, maar als je de stakeholder onder wilt brengen in één orgaan dan past dit bij een coöperatie goed bij de rol van een raad van commissarissen. Er is veel vrijheid om die benoeming te regelen en een raad van commissarissen heeft een duidelijke signalerende functie. Betrokkenheid is geregeld omdat een raad van commissarissen ook de jaarrekening mee moet ondertekenen, of moet beargumenteren waarom ze dat niet doet.

De statuten zouden kunnen benoemen welke zakenpartners en groepen als stakeholder gezien moeten worden.

Een interessante vraag bij een coöperatie is welke stakeholdergroep zodanig belangrijk is dat zij de leden vormt. De wet rond de coöperaties schrijft voor dat de leden een economisch voordeel bij de coöperatie moeten hebben. Dit kunnen de investeerders zijn, maar als je een brede beweging op wilt zetten, kun je ook een coöperatie van producenten hebben, van de afnemers of van de medewerkers.

Financiën

Het kopje Financiën gaat deels over beloningsbeleid, maar vooral over waar de winst naartoe gaat. Enerzijds verdienen initiatiefnemers en geldverstrekkers een beloning voor het risico dat ze nemen in het opzetten van een onderneming, anderzijds is het doel van de onderneming het oplossen van een maatschappelijk probleem. De code zegt dat de statuten een dividendbeperking kunnen bevatten, maar hoe regel je dat?

De meeste coöperaties die wij tot nu toe als social enterprise hebben opgezet hebben een algeheel verbod op winstuitkering. Alle winst wordt geïnvesteerd in de oplossing van het maatschappelijk probleem. Maar hoe beloon je dan het risico en de inzet van de initiatiefnemers? Mijn gevoel zegt dat een uitkering van 50% van de winst, met een maximum van 3 maal de inleg/inzet, beide belangen recht doet. 50% omdat beide kanten gewaardeerd moeten worden, maximaal 3 maal de inleg omdat er ook een risico is geweest dat de sociale onderneming niets wordt, en er wel een financiële motivatie moet zijn om dan ook te investeren.

Het principe hierboven, eventueel met andere getallen, kan prima en zonder conflict met de wet vastgelegd worden in de statuten van een coöperatie.

Implementatie

De code verwijst als vanzelfsprekend naar een register voor Sociale Ondernemingen. Prima, want als je zo’n titel wilt voeren dan moet je daarop ook vindbaar zijn. De registratie is gekoppeld aan een collegiale toetsing door twee andere geregistreerde sociale ondernemingen. Hiervoor hoef je niets in de statuten te regelen.

Transparantie

De sociale onderneming moet rapporteren over de naleving van de principes van de code, en maakt ook de wettelijke jaarstukken actief beschikbaar. Dit laatste punt gaat mooi een stap verder dan de huidige wettelijke bepaling dat de stukken ter inzage moeten zijn op het kantoor van de onderneming, of (vaak in nog beperktere vorm) opvraagbaar bij de Kamer van Koophandel.

Vervolg

Wij gaan de principes vertalen in concept statuten voor social enterprise coöperaties. Groepen die voor dit model kiezen hoeven zich nog niet direct te registeren als sociale onderneming, maar weten in elk geval dat er geen conflicten met de code zijn als ze dat willen doen. En werken als sociale onderneming is een leerproces, dus daar kunnen de eerst stappen in worden gezet.

Heb je vragen? Neem dan contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865, of met onze adviseur bij jou in de regio, zie het overzicht hier.

 

Aandelenverdeling in een start-up: waarom 50%-50% niet werkt

Zodra een start-up van een idee naar een echt bedrijf overgaat, komt onvermijdelijk de vraag: hoe verdelen we de aandelen? Meestal wordt er gekozen voor een gelijke verdeling, want: ‘We werken er allemaal even hard aan’ en ‘Hoe zouden we het anders moeten doen?’ Dus als er twee founders zijn, krijgen beiden 50%.

Een groot aantal start-ups haalt de eindstreep niet. Deels doordat het idee niet perfect was of dat er tegenslag was in de uitvoering, maar vaak ook door interne ruzies en discussies over aandelen en zeggenschap. In dat geval komt er geen winst, besluiten de founders te stoppen met investeren, en zijn de investeringen tot dan toe verloren…

Start-up cooperatie          òf        Aandelen verhouding

Volgens een onderzoek van Forbes stopt bijna de helft van de start-ups vanwege discussies bij de founders en omdat het lastig is om aan cash te komen. Een 50%-50% verdeling (of welke gelijke verdeling dan ook) werkt je dan tegen, om de volgende redenen:

1. Het loopt altijd anders dan je denk

Als je de aandelen gelijk verdeelt, ga je er ook vanuit dat iedereen evenveel bijdraagt. Dat kan best de intentie zijn, maar wat als iemand ziek wordt, op huwelijksreis moet, de aanbieding van zijn leven krijgt of gewoon geen zin meer heeft? Krijgt die persoon dan nog steeds zijn deel?

Of stel dat je een verdeling van het werk hebt gemaakt. Janette doet de commercie, Erik de techniek. Nu blijkt dat er nog een extra techneut nodig is, en die wil je met aandelen betalen. Gaat dat dan van Eriks aandelen af, of dragen beide founders bij?

Je weet dus nooit van tevoren hoe het gaat lopen, dus dan kun je maar beter een flexibele structuur hebben waarin geregeld is hoe je met wijzigingen om gaat.

2. Naast tijd heb je ook cash nodig

Met enkel een idee overtuig je nog geen angel investor. Je moet een demo hebben, een prototype, misschien zelfs al wel een patent. Af en toe moet je iemand inhuren of een aanschaf doen. Of reizen, of een ruimte huren. Inbreng van tijd is dus niet voldoende, er is ook geld nodig.

De vraag is of alle founders een gelijk deel aan geld kunnen opbrengen. Want zodra de één meer bijdraagt dan de ander(en), of je haalt het bij een derde, dan komt de volgende vraag: hoe waardeer je jullie tijd ten opzichte van contant geld? Je krijgt dan discussie over uurtarieven en de waarde van ieders bijdrage. 50%-50% is dan opeens niet meer voldoende.

3. De discussie over ieders waarde komt toch wel

Een gelijke verdeling afspreken is heel gemakkelijk. Je hoeft geen discussies met elkaar aan te gaan over de waarde van ieders bijdrage. Met 50%-50% ben je snel klaar. Aan het begin in elk geval…

Maar op een gegeven moment komt eerst de onvrede, en dan de discussie. Je hebt het gevoel dat je meer doet dan de anderen. Het was eigenlijk jouw idee dat nu succesvol wordt, of juist jouw keuzes in de ontwikkeling die bepalend waren. En waarom kan Julia een business class ticket naar New York declareren terwijl ik per trein naar Frankfurt moet?

Als je deze discussies gaat krijgen na een half jaar hard werken en investeren, dan speelt alles meteen hoog op. Als je de discussie meteen aan het begin voert, en met elkaar flexibele afspraken maakt, dan weet iedereen waar ‘ie aan begint. Dat is misschien even een vervelend moment, maar het redt uiteindelijk vriendschappen.

Hoe verdeel je de aandelen op een eerlijke wijze?

Met economie leer je: winst is de beloning voor ondernemersrisico. En ondernemersrisico is ergens geld of tijd in steken, zonder garantie dat het ook daadwerkelijk wat oplevert. Investeren dus.

Zolang een start-up nog niet al zijn kosten en salarissen kan dekken, ben je aan het investeren. En wie het meest investeert mag later ook de meeste winst krijgen en heeft de meeste zeggenschap.

De essentie is om die verdeling van winst en zeggenschap niet van tevoren vast te leggen, maar steeds aan te passen aan hoeveel iedereen daadwerkelijk investeert. Tijd vertaal je met een uurtarief in geld, en de investeringen in cash tel je er bij op. En als je 60% van de investeringen hebt gedaan, dan krijg je ook 60% van de winst zodra die komt.

Dit concept past niet in een BV, of je moet ongeveer elke maand terug naar de notaris om de aandelenverhouding te wijzigen. Het concept past wel in een coöperatie, die je vergelijkbaar met een BV kunt inrichten, maar die wel deze flexibiliteit heeft. Zie de beschrijving van de start-up coöperatie.

Ervaringen tot nu toe

Het concept van de flexibele aandelenverdeling bestaat al veel langer en is beschreven door Mike Moyers in zijn boek ‘Slicing Pie’. In Nederland bieden we het aan sinds 2016, en diverse groepen werken volgens dit concept.

In de praktijk zie je dat de aandelenverhoudingen echt verschuiven door de tijd heen. Dan werkt de ene founder weer wat meer, dan de andere. Ook is het mogelijk om er nog iemand extra bij te trekken die zichzelf gaat ‘inverdienen’. Weinig werk levert een klein percentage op van de aandelen, meer werk een groter percentage. Maar je hoeft niet iemand opeens direct een groot pakket aandelen te geven.

De meeste groepen werken met maandelijks overleg om ieders inbreng vast te leggen. Dat kan gewoon door in een staatje uren en gemaakte kosten vast te leggen en samen te ondertekenen. De gemaakte uren staan meestal niet ter discussie, wel of het werk de goede richting op gaat en nog efficiënter kan. Op die manier ben je ook echt bezig met het besturen van je bedrijf.

Meer weten?

Als je meer wilt weten over dit concept, kijk dan naar de beschrijving van de start-up coöperatie of neem contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865. We denken graag me je mee wat voor jullie de beste oplossing is.

Ledenraad of Algemene Ledenvergadering? Wat werkt het best?

De wet die over verenigingen en coöperaties gaat schrijft voor dat elk lid tenminste één stem moet hebben in de algemene ledenvergadering. In de basis mag iedereen dus meepraten en meebeslissen. Maar hoe doe je dat bij coöperaties met een groot aantal leden, bijvoorbeeld meer dan 100? In dat geval kun je werken met een ledenraad.

Een ledenraad is een vertegenwoordiging van de leden. De vertegenwoordigers moeten dan wel uit de leden en door de leden gekozen zijn. Op die manier blijft het democratische karakter van de coöperatie behouden.

De wet schrijft niet voor hoe die ledenraad ingericht moet zijn. Je kunt ervoor kiezen om sommige leden direct deel te maken van de ledenraad, en andere leden alleen via een gezamenlijke vertegenwoordiger invloed te geven. In de statuten kun je kaders vastleggen voor de verkiezing van die vertegenwoordigers. Hieronder staat een voor de hand liggende oplossing:

  • De statuten bepalen hoeveel gekozen vertegenwoordigers er zijn. Dit hoeft niet een hard aantal te zijn, het kan bijvoorbeeld ook het aantal provincies zijn waarin de coöperatie actief is, of het aantal leden gedeeld door 100.
  • Leden kunnen zich kandidaat stellen voor vacatures in de ledenraad. Als er minder leden zijn dan vacatures of evenveel dan zijn deze leden automatisch gekozen.
  • Als er meer kandidaten dan plaatsen zijn dan zijn er verkiezingen. Dit kun je voor alle vacatures gezamenlijk doen, maar ook bijvoorbeeld per regio of vakgebied. De kandidaten met de meeste stemmen worden gekozen.

Een ledenraad kan een rooster van aftreden hebben en een maximale zittingstermijn voor de gekozen vertegenwoordigers. Zo voorkom je dat mensen er jaren in blijven zitten, of dat bij verkiezingen de hele ledenraad opeens uit andere gezichten bestaat.

Over het algemeen adviseren wij een coöperatie zo democratisch mogelijk te maken. Maar soms is het nuttig dat bepaalde leden of groepen (tijdelijk) de overhand hebben. Dat is ook te regelen, bijvoorbeeld door te spelen met de hoeveelheid gekozen vertegenwoordigers in de ledenraad versus leden die er direct in komen, of met de stemverhoudingen. Vraag onze adviseurs naar de opties en hun advies.

 

Sociocratie en besluitvorming met consent in coöperaties

Sociocratie is een dynamische organisatie- en besluitvormingsmethode die gelijkwaardigheid versterkt door verschillen (ongelijkheid) juist ruimte te geven. Consent is het beginsel waarbij wordt gezocht naar een oplossing waar geen van de betrokkenen een overwegend bezwaar tegen heeft.

In de sociocratie kun je de voordelen van een heldere hiërarchie in de uitvoering behouden en de nadelen corrigeren met consent. De structuur waarbinnen we functioneren heeft grote invloed op de manier waarop we samenwerken. Daarom zijn goede statuten belangrijk en ook spelregels en vaardigheden voor organisatie- en besluitvorming.

Sociocratie en consent in een coöperatie

Een coöperatie is een rechtvorm waarin je iedereen die betrokken is gemakkelijk lid kunt maken en dus ook zo een formele stem kunt geven in de besluitevorming. Ook door het gezamenlijke eigenaarschap vergroot je betrokkenheid. Maar het werken in een coöperatie hoeft niet automatisch gelijkheid te geven in informatiepositie, referentiekader, ervaring en mandaat.

 

Kleine coöperaties verdelen het werk makkelijker en duurzamer met besluitvorming op basis van Consent. Grote coöperaties vergroten de betrokkenheid van hun leden met de organisatiestructuur van sociocratie.

De spelregels van sociocratie en consent kunnen worden vastgelegd in de statuten. Consent bevordert het geven en nemen van verantwoordelijkheid en initiatief. Sociocratie als verfijning van democratie stelt door uitwisseling van argumenten, belangen en inzichten, de ontwikkeling van leden en het geheel centraal.

De vijf elementen van sociocratie

In het kort bestaat de sociocratie uit de volgende vijf elementen:

Consent: Alle besluiten die meerdere mensen aangaan en voor een langere periode gelden, worden met consent genomen. Consent vraagt om open uitwisseling van argumenten, duidelijke spelregels, onderscheid tussen beeld en meningsvorming en tussen beleid en uitvoering;

Kringen: De organisatie bestaat uit zelfstandige en zelfsturende kringen met een eigen doelstelling (domein) en taakverdeling;

Dubbele koppeling: Voor stimuleren van samenhang, afstemming en innovatie zijn de kringen dubbel met elkaar verbonden via een leidinggevende en een gekozen afgevaardigde;

Open verkiezing: Rollen en taken worden na open verkiezing en uitwisseling van argumenten verdeeld, in ieder geval de rollen van gespreksleider, afgevaardigde en notulist;

Zelfsturing: kringen zijn zelf verantwoordelijk voor de individuele en gezamenlijke ontwikkeling en bewaking van de kwaliteit van de samenwerking en het werk.

Sociocratische statuten voor een coöperatie

De coöperatie expert verankert des gevraagd consentbesluitvorming en sociocratie in jullie coöperatiestatuten. Er zijn grote raakvlakken tussen sociocratie, agile, scrum, holocracy, verbindende communicatie, deep democracy en de werkwijze van Semco.

Meer weten?

Onze adviseur Karin Vosters levert expertise en begeleiding aan groepen die op basis van consent willen samenwerken of vergaderen en die hun organisatie- en besluitvorming sociocratisch willen vormgeven. Je kunt contact met haar opnemen via  06-20407824.

Vijf belangrijke bepalingen in coöperatie statuten

Een coöperatie wordt opgericht bij een notaris en dan worden ook de statuten vastgesteld. Dat kan in het generieke model dat de notaris van de website van de Notariële Beroepsvereniging haalt. Prettiger is het om een akte te hebben die meer op specifieke coöperaties is toegespitst en die geschreven is in heldere taal. Welke vorm je ook kiest, vijf punten moet je altijd goed bekijken.

1. Doelstelling

Een coöperatie onderscheid zich van een vereniging doordat er transacties gedaan worden met de leden: de leden leveren de goederen of diensten die de coöperatie verkoopt of de coöperatie koopt samen voor de leden in. Ook samen investeren hoort tot de mogelijkheden. De relatie tussen de coöperatie en de leden moet duidelijk worden uit de statuten. Je kunt daarbij aangeven wat voor goederen of diensten je verkoopt of inkoopt. Maak deze omschrijving niet te nauw, of stel gewoon dat je dit 'onder andere' doet.

2. Lidmaatschap

Wie mogen er lid worden van de coöperatie? Leden hebben namelijk recht op inzage in de (financiële) gang van zaken, mogen meestemmen en kunnen in principe delen in de winst. Een oplossing is soms om te werken met twee verschillende soorten leden, ook met verschillend stemrecht. Of door de relatie niet via een lidmaatschap, maar via een overeenkomst te regelen.

3. Bestuur

Het bestuur mag de coöperatie vertegenwoordigen en neemt alle reguliere en spoedeisende beslissingen. Tot welke grens mogen ze uitgeven of regel je dit in de begroting? En als je meer bestuursleden hebt, is de handtekening van één van hen dan genoeg, of heb je er twee nodig?

4. Contributie of andere financiële bijdragen

Hoe wil je de kosten van de coöperatie omslaan over de leden? Moet iedereen evenveel betalen? Dan is het handig om een contributie vast te stellen. Je kunt ook wat geld afromen van de transacties met de leden, dan betaalt iedereen naar rato van het voordeel dat hij of zij van de coöperatie heeft, maar je kunt geld te kort komen. En wat als je de contributie plotseling verhoogt, kunnen leden dan nog uitstappen?

5. Winstverdeling

Een coöperatie moet volgens de belastingdienst altijd een kleine marge hebben op de transacties die ze doet. Als je die marge niet gebruikt voor de dekking van kosten, dan blijft deze over als winst. Mag je die uitkeren en zo ja, hoe verdeel je die dan over de leden? Vaak hangt dit samen met de contributie en de doelstellingen van de coöperatie. Lees ook ons blog over winstverdeling.

Vragen?

Als je bezig bent met de vormgeving van jouw samenwerking, dan heeft de Coöperatie expert hiervoor verschillende praktische adviesvormen, zoals ons samenwerkingsconsult of ons advies- en oprichtingstraject voor maatschappelijke initiatieven. Of neem contact op met één van onze adviseurs.

Samenwerken is Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen

Kranten en met name vakbladen gericht op ondernemers staan de laatste tijd vol met termen als duurzaamheid en Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen.  Van schrik gaan bedrijven spaarlampen aanschaffen, hun vliegreizen compenseren met het planten van bomen en hun medewerkers OV-kaarten aanbieden. Ik heb eens een afstudeerderonderzoek laten doen naar het mogelijk effect van dit soort maatregelen bij een constructiebedrijf: dit bleef ruim onder 1% reductie van de totale CO2 uitstoot die we als onderneming veroorzaakten.

Liever slimmer werken dan compenseren

Waar heb je dan wel wat aan? Aan efficiënte processen en het voorkomen van verspilling.  Grote kans dat als een bedrijf hetzelfde proces met minder medewerkers uitvoert, het milieubeslag ook kleiner is. Elke medewerker heeft namelijk een kantoorplek, maakt autokilometers en heeft hulpmiddelen nodig zoals een computer. Grote kans dat als een transportbedrijf of zwaar productiebedrijf goedkoper werkt, dat ook de energieconsumptie kleiner is.

Zelf innoveren hoeft kan ook niet verantwoord zijn&

In dit opzicht is zelf het wiel uitvinden en je eigen (eerst nog inefficiënte) processen opzetten het smerigste wat je kunt doen. Je kunt nog beter in een jaren ’80 dieselauto naar een bedrijf rijden dat zo’n proces al op orde heeft en daarmee een samenwerking aangaan. Natuurlijk zorg je ervoor dat jij op één of twee gebieden altijd zelf de beste of meeste efficiënte bent, maar voor de rest haal je de ervaring en efficiency van buiten: dat is zowel financieel als maatschappelijk verantwoord ondernemen!

Welke samenwerkingsvorm moet je dan gebruiken? Dat hangt af van je doelstellingen en wie er meedoen. Kijk hier voor een helder overzicht of laat je adviseren.

Kijk kritisch waar er weinig waarde wordt toegevoegd

Nog een nabrander over verspilling: er zijn complete industrieën met activiteiten waar niemand eigenlijk op zit te wachten: accountancy, beveiliging, promotiegadgets en allerlei instellingen die zich bezig houden met het herverdelen van geld. Ongetwijfeld zitten ze vol met hardwerkende medewerkers, maar deze mensen maken wel autokilometers, hebben kantoorruimte nodig en gebruiken computers. Kunnen we samen onze maatschappelijke processen zodanig inrichten dat we deze functies veel minder of in het geheel niet meer nodig hebben? En deze medewerkers inzetten in functies die werkelijk waarde toevoegen. Dat zou nog eens duurzaam zijn!

Opticien en Audicien – Wanneer heeft een partnership waarde?

Laatst kwam de vraag ter sprake of een samenwerking tussen een opticien en een audicien (die advies geeft over gehoortoestellen) zin heeft. Op het eerste gezicht geen gekke gedachte: beide hebben een winkel, zitten tegen de medische sector aan, hebben allebei een adviesfunctie voor hun klanten, en die klanten zijn vaak wat ouder (want dan komen de gebreken).

Wat zijn de voordelen?

Als je de mogelijkheid van een samenvoeging of fusie overweegt, dan is er een aantal bedrijfsmatige voordelen: je kunt naar één winkel toe en de opticien heeft waarschijnlijk voldoende opleidingsniveau om ook de cursus audicien te volgen. Dat scheelt kosten. Beide beroepen hebben veel te maken met verzekeraars, dus wellicht valt daar ook wat te combineren.

Levert het ook meer op?

In een samenwerking tussen twee partijen die allebei zelfstandig blijven moet er echter ook meer omzet komen; alleen dan wordt het interessant. Meer omzet krijg je als je aantrekkelijker wordt voor je klanten, als je meer onderscheidend vermogen op kunt bouwen. En de vraag is of dat hier het geval is. Want brillen en gehoorapparaten zijn op heel veel plaatsen te krijgen.

Wat is het voordeel voor de klant?

Zouden brildragers het handig vinden dat ze hun gehoorapparaat in dezelfde winkel kunnen kopen als hun bril? In een soort ‘gezondheidssupermarkt’? Waarschijnlijk zal het ze niet veel uitmaken, het zijn toch producten waar je uitgebreid de tijd voor neemt om ze aan te schaffen. De tijd om naar de winkel te gaan maakt dan niet veel uit. En het zijn andere aankoopmomenten en aankoopmotieven: een bril is ook een modeartikel, een gehoorapparaat is dat niet.

Zijn er alternatieven?

Ook een andere mogelijkheid voor onderscheid, het ontwikkelen van een uniek product, lijkt niet logisch. Opticiens en audiciens doen dat niet zelf. En de markt voor brillen met een ingebouwd gehoorapparaat is niet groot.

Conclusie

Kortom: een samenwerking kan heel logisch lijken, maar moet wel tot extra omzet leiden. Alleen dan kunnen twee of meer partijen ervan profiteren zonder hun zelfstandigheid te verliezen. Kritische vragen over wat je gezamenlijke toegevoegde waarde is zijn soms vervelend maar wel nuttig!

Voor meer informatie over samenwerken en luisteren zie ook http://notaris.uwpagina.nlhttp://bedrijfsorganisatie-advies.uwpagina.nlhttp://juridischadvies.links.nlhttp://ondernemingsrecht-advocaat.beginthier.nlhttp://ondernemer.startpagina.net.

Statutenwijziging van een coöperatie

Een coöperatie (of coöperatieve vereniging, zoals die vroeger heette) wordt opgericht bij een notaris en dan worden ook de statuten vastgesteld. Toch kan het zijn dat na verloop van tijd de statuten niet helemaal meer passen bij de werkzaamheden van de coöperatie of bij de interne verhoudingen. Dan is het nodig om de statuten te wijzigen.

Hoe werkt het proces om statuten te wijzigen?

1. Bedenk wat je wilt veranderen

Statuten gaan als het goed is lange tijd mee. Bedenk dus goed wat je wilt veranderen. Niet alles hoeft overigens in de statuten geregeld te worden, soms is het handiger om een overeenkomst te sluiten. Als je de samenwerking anders wilt inrichten, maak dan eventueel gebruik van ons Samenwerkingsconsult. Lees ook ons artikel over  coöperatie statuten.

2. Kijk naar wat in de statuten staat over de wijziging

Jullie statuten bevatten een onderdeel waarin staat hoe je ze kunt wijzigen. Vaak is een grotere meerderheid nodig dan normaal. Soms moet er ook een minimum aantal leden op de vergadering aanwezig zijn. Als dat minimum niet gehaald wordt, dan kun je een nieuwe vergadering uitroepen waar dat niet geldt.

In elk geval moet je iedereen op tijd uitnodigen voor de vergadering en moet je daarbij het letterlijke tekstvoorstel van de wijziging meesturen. Je kunt niet plotseling tijdens de vergadering grote wijzigingen aanbrengen, iedereen moet voldoende tijd hebben om er over na te denken.

3. Houd de algemene ledenvergadering

Laat iedereen stemmen over de wijzigingen. Je maakt een verslag van de vergadering en ondertekent dit met de voorzitter en de notulist.

4. Ga naar de notaris

De basis voor de statutenwijziging is het verslag van de vergadering. De nieuwe statuten moeten erbij als bijlage. Een volmacht van één van de bestuurders is dan voldoende om de notaris de akte te laten wijzigen. Dit kunnen wij voor je regelen.

5. Verspreid de gewijzigde statuten

Je hebt niets aan statuten als ze in een la liggen te verstoffen. Het zijn de spelregels binnen je coöperatie en het is handig als iedereen er van op de hoogte is. Verspreid de nieuwe statuten dus onder je leden en geef ook nieuwe leden standaard de statuten, bij voorkeur al voor ze lid worden.

Advies voor koffiecoöperatie PODA op Sumatra, Indonesië

Onze coöperatiespecialist Alfred Griffioen is op verzoek van de Stichting Agriterra van 13 t/m 18 juli 2014 naar Sumatra gereisd. Hij heeft daar een lokale coöperatie van koffieboeren ondersteund met de inrichting van hun samenwerkingsvorm. De coöperatie heeft nu ruim honderd kleinschalige kredietunies als lid, met daarin zowel koffieboeren als rijst- en cacaoboeren. Die structuur moet omgezet worden naar een coöperatie waar de 2500 koffieboeren in het gebied direct lid van kunnen worden.

Tijdens deze missie heeft Alfred het nieuwe verdienmodel van deze coöperatie vertaald naar bepalingen voor de statuten. Hij heeft deze doorgesproken met de lokale notaris en ook heeft hij met het bestuur van de coöperatie nagedacht over het proces van deze transitie. Alfred: “Opvallend is hoe belangrijk de coöperatie is voor de leden en ook hoeveel mensen zich hier inzetten in allerlei samenwerkingsverbanden om hun leefomstandigheden te verbeteren. De coöperatiewetgeving van Indonesië is in elk geval redelijk vergelijkbaar met die in Nederland. Alleen de overheidsbemoeienis en de nadruk op de sociale functie van de coöperatie is er groter dan in Nederland.”

Lees het uitgebreide verslag van liason-officer Richard van der Maden hier op de website van Agriterra.

Samenwerkingsvormen voor ondernemers en maatschappelijke initatieven

Er waait in Nederland een nieuwe wind. Kleinschalige en projectmatige samenwerkingsvormen ontstaan als alternatief voor grote instellingen. We zien dat bij ondernemers die onafhankelijk willen zijn van hoofdaannemers en bemiddelingsbureaus voor hun werk en zelf samen hun diensten gaan aanbieden. En bij maatschappelijke bewegingen om een alternatief te bieden voor grote banken, energiebedrijven en zorginstellingen. De onderliggende trend is de behoefte aan een menselijke maat en persoonlijk contact. Geen anonieme callcenters en incassobureaus maar een grotere eigen verantwoordelijkheid.

Initiatieven op drie niveaus

We zien initiatieven op drie niveaus:

  • zorgen voor je bedrijf: samenwerken om grotere klanten te kunnen bedienen, een breder aanbod te hebben of beter in te kunnen kopen;
  • zorgen voor jezelf: om je energie, glasvezel, zorg of arbeidsongeschiktheidsverzekering te regelen op een manier die anders niet mogelijk is;
  • zorgen voor elkaar: voor de leefomgeving, mensen die achterblijven of verpleegkundige zorg nodig hebben.

De beweging is ingezet en zal zich steeds verder uitbreiden. Hierbij zijn veel mensen betrokken die willen meesturen en invloed hebben. De ‘oude’ rechtsvorm “coöperatie” past daar vaak uitstekend bij.

Van gedeeld belang naar resultaten

Met een groep mensen heb je al snel een gedeeld belang: meer omzet, betere inkoopcondities, groene energie, een levendige buurt of professionele zorg. Hoe zorg je dat het niet blijft bij praten en vergaderen alleen? Acties en resultaten zorgen ervoor dat de groep betrokken blijft en groeit.

Een helder concept is belangrijk

De weg van een gedeeld belang naar resultaten loopt via een goed en helder concept. Hoe gaan we het doen? Hoe aansprekender het concept, des te makkelijker deelnemers hun eigen ideeën en deelbelangen daarvoor opzij zetten.

Rond een concept verzamel je een groep mensen die er aan mee willen doen. Maak de groep in het begin niet te groot, het is belangrijker dat er activiteit gaat ontstaan. Dat mensen samen gaan verkopen, inkopen, organiseren en uitvoeren. Dan gaan er ook geldstromen komen en raakt je initiatief ‘in business’ en kun je de groep groter maken.

Naar een formele structuur

Zodra er activiteiten ontstaan, ontstaat ook de behoefte aan een formele structuur. Wie hoort er bij (en is dus lid) en wie niet? Als we als groep iets willen aanschaffen hoe regel je dat dan? Wie is aansprakelijk en in welke mate? En hoe regelen we de besluitvorming en vertegenwoordiging van de groep? Die structuur is vaak een rechtsvorm, met statuten en eventueel overeenkomsten of reglementen.

Voor een commerciele samenwerking is dit overzicht wellicht nuttig. Voor een ideele samenwerking deze overwegingen.

Als ondernemers samen je inkoop regelen

Meestal gaat de aandacht uit naar samenwerkingen tussen bedrijven die gericht zijn op het samen ontwikkelen of verkopen van producten. Daar zitten ook verreweg de beste kansen op extra winst. Want het salaris van de directeur/eigenaar moet altijd door worden betaald en zonder klanten is er geen toekomst voor het bedrijf.

Samenwerken ook bij inkoop

Maar samenwerking kan ook bij je inkoop lonend zijn. En vaak zonder dat het je veel tijd kost. In de eerste plaats zijn er vakgerichte verenigingen of coöperaties voor de meest uiteenlopende branches: voor consumptie-ijsbereiders, afnemers van bakkerijproducten of voor elektrotechnische installatiebedrijven. Met een beetje zoeken op internet kom je ook inkoopcoöperaties voor verzekeringen, elektriciteit of kantoormeubilair tegen.

Elkaar vinden via social media

Een trend om in de gaten te houden zijn collectieve acties via sociale netwerken. Via Facebook, Hyves en Twitter worden voldoende mensen verzameld om als groep een product met korting af te nemen. Dit kan natuurlijk ook prima voor bedrijven. Op de netwerksite Linked-in onstaan al verschillende branchegerichte groepen voor inkopers ontstaan. Het is alleen maar even wachten voordat daar ook soortgelijke inkoopinitiatieven worden ontplooid.

Zelf een inkoopsamenwerking opzetten

De laatste mogelijkheid is om zelf iets op te zetten. Natuurlijk doe je dit niet voor de inkoop van je plantenbakken, maar kijk eens welke van jouw grotere kostenposten ook bij collega’s voorkomen: advertentieruimte, vierkante meters op een beurs, transportkosten of automatisering. Vaak kun je hier snel besparen door te combineren of samen in te kopen. Dat kan ook projectmatig: als je als groep ondernemers een nieuw bedrijfspand betrekt, heeft iedereen behoefte aan netwerkbekabeling, verhuisdiensten of meubilair. Het kan dan lonen om samen te werken, zelfs met je concurrenten.

Omzetten van een consultancy BV in een coöperatie

Voor veel consultancy bedrijven is een BV een logische vorm. Er is een beperkt aantal oprichters of partners, die de bedrijfsopbouw hebben gedaan of zich hebben ingekocht, de overige consultants zijn in loondienst. Dit model heeft lang goed gewerkt, maar staat steeds vaker onder druk.

Zelfstandigheid is een goed alternatief voor loondienst

In de eerste plaats is de markt voor consultancy diensten competitiever geworden. Naast de consultancy bureaus zijn er voor kleinere advies- en interimklussen ook veel zelfstandigen in de markt. De omzet neemt hierdoor af of vertoont een grilliger verloop. Daarnaast lonkt ook voor de eigen medewerkers het eigen ondernemerschap. Zij zien anderen die zo werken, en zien ook dat het consultancybureau hen soms verkoopt voor meer dan het dubbele van hun salariskosten. Consultants die grotendeels hun eigen werk kunnen binnenhalen zijn daarmee ook de eerste consultants die je als bedrijf zult verliezen.

Hoe mooi zou het zijn als gebruik kunt maken van dat ondernemerschap zonder je ervaren consultants helemaal te verliezen of als concurrent te krijgen. Of om je bedrijf verder uit te breiden met een flexibele schil zonder nieuwe loondienstverbanden aan te gaan. Dat haalt risico’s uit je bedrijf en geeft meteen nieuwe impulsen.

Plaats een coöperatie naast je BV

Eén van de opties die we hiervoor al een aantal malen hebben toegepast is het oprichten van een coöperatie met dezelfde naam als de BV. Alle opdrachten van klanten worden langzaam overgeheveld naar de coöperatie, die het gezicht naar de markt wordt. De partners en de senior consultants die dat willen gaan vanuit een persoonlijke BV of als zelfstandig ondernemer factureren aan de coöperatie voor het werk dat zij verrichten. De BV stuurt maandelijks een factuur voor de diensten van de medewerkers in loondienst (voor zover deze niet overgaan naar de coöperatie) en ontvangt een percentage van de omzet als vergoeding voor de merknaam en goodwill.

Beter gebruik van je goede naam en dus meer goodwill

Het voordeel van deze opzet is dat het de senior consultants de gelegenheid geeft om zelfstandig ondernemer te worden, terwijl ze wel binnen de structuur van het bedrijf blijven en gebruik maken van de goede naam van het bedrijf. Daar dragen ze een percentage van hun omzet voor af. Ook adviseurs uit de flexibele schil kunnen op deze manier gaan werken. De partners/eigenaren van de BV zien de naam van hun bedrijf op deze manier breder toegepast en ontvangen meer winst met minder risico. Uiteindelijk kunnen ze hun werkzaamheden (die via de coöperatie lopen) afbouwen en toch als aandeelhouder in de BV blijven meesturen op het merk en inkomsten houden. Of hun aandeel in de BV (deels) verkopen en toch opdrachten blijven doen.

Spanningsveld tussen coöperatie en de oorspronkelijke partners

Zowel de partners uit de BV, de senior consultants en de adviseurs uit de flexible schil kunnen onder voorwaarden lid worden van de coöperatie. Samen bepalen zij het operationele beleid. Het beleid rond marketing, positionering en dienstenportfolio wordt door de aandeelhouders van de BV bepaald, zij hebben ook de verantwoording om hierin te blijven investeren. Tussen de coöperatie en de BV kan een spanningsveld ontstaan. Daarom is het van belang om de rechtspersonen en de relatie daartussen zorgvuldig in te richten.

De Coöperatie expert heeft hier ervaring in. Met de huidige eigenaren en de mogelijke nieuwe leden van de coöperatie kijken we wat voor verwachtingen er leven en wat de beste opzet is. Graag vertellen we u over de succescases. Neem contact op met Alfred Griffioen, 06-24776865.

Met een coöperatie meedoen aan een aanbesteding of tender

Het meedingen op aanbestedingen of tender lijkt alleen te zijn weggelegd voor grote bedrijven. Maar ook als groep van kleinere ondernemers kun je een prima kans maken om een groot werkpakket binnen te halen. Wat moet je daarvoor doen?

1. Laat je niet afschrikken

Aanbestedingen lijken vaak complex, met veel formulieren en voorwaarden waar je aan moet voldoen. Toch maken de rijksoverheid en veel gemeenten het steeds gemakkelijker. Een voorbeeld is de zogenaamde ‘eigenverklaring’. In plaats van bewijsstukken te leveren dat je aan allerlei eisen voldoet, mag je dat gewoon verklaren en wordt dit alleen maar gecontroleerd als jij de winnaar van de aanbesteding bent.

Ook mogen overheden tegenwoordig geen overdreven eisen stellen, bijvoorbeeld hoe lang je bedrijf al bestaat en wat voor omzet je hebt. Vaak mag je de omzet van partners en onderaannemers bij elkaar optellen en ook hun referenties gebruiken.

2. Start op tijd

Zoek vooraf uit wanneer er nieuwe aanbestedingen komen. Alle werkpakketten boven de 207.000 euro van de overheid moeten aanbesteed worden. Je kunt gewoon aan een ambtenaar vragen wanneer dit weer gaat gebeuren. Registreer je op Tenderned.nl om aankondigingen digitaal te ontvangen zodat je weet wanneer welke aanbesteding start.

Vaak heb je zes weken om je aanbieding te maken. Dat lijkt veel, maar kan kort zijn als je ook nog interne afspraken met partners moet maken.  Als je weet dat een aanbesteding eraan komt, zoek dan de documenten op van de vorige keer en oriënteer je alvast. Welke andere partijen heb je nodig om aan de vereisten te voldoen?

3. Kies de juiste rechtsvorm

Overleg met andere partijen of zij ook mee willen doen en hun tijd willen investeren in het maken van jullie aanbestedingsofferte. En kijk hoe je alles juridisch regelt. Vaak kun je inschrijven als partnership, maar dan ben je beide verantwoordelijk en aansprakelijk voor de hele opdracht. Een alternatief is om een coöperatie op te richten die als ‘hoofdaannemer’ fungeert. Jij en de andere ondernemers zijn dan de onderaannemers. Hiermee houd je de aansprakelijkheid beperkt.

De coöperatie moet wel opgericht zijn op het moment dat je de gezamenlijke offerte indient. Je hebt een KvK nummer nodig. Dat betekent dat je uiterlijk twee weken voor indiening met de oprichting ervan moet beginnen.

4. Schrijf slim in

Als groep van ondernemers heb je een groot voordeel ten opzichte van grotere bedrijven: je hebt minder overhead en daardoor kun je meestal lager inschrijven. Prijs is vaak een belangrijk criterium.

Zorg daarnaast dat je iemand erbij betrekt die eerder aanbestedingen heeft gedaan. Bij het beantwoorden van alle vragen  moet je goed letten op de beoordelingscriteria: dat levert punten op. Daarnaast moet je goed de richtlijnen volgen en vormfouten voorkomen.

Case: tolken en vertalers

Een van de mooiste voorbeelden waar we vanuit de Coöperatie expert aan mee hebben gewerkt zijn de Nederlandse gerechtstolken en -vertalers. Contracten van de rijksoverheid voor het vertalen bij juridische procedures waren in handen bij twee grote vertaalbureaus. Zij huurden de vertalers in per klus en speelden hen tegen elkaar uit. 50% van de opbrengst kwam maar bij de vertalers terecht.

Op initiatief van hun beroepsorganisatie hebben de vertalers een coöperatie opgericht die mee ging doen aan de aanbestedingen en zelf een bureau inhuurde om alle werk te coördineren. Bij de tweede aanbesteding wonnen ze het werkpakket waardoor de betrokken vertalers opeens veel hogere vergoedingen kregen.

Vinden en selecteren van de juiste samenwerkingspartner

Op zoek naar de juiste samenwerkingspartner

Om de juiste samenwerkingspartner te vinden moet je eerst je eigen ambities helder hebben. Dat is niet altijd even gemakkelijk. Zink even weg in je gedachten: hoe moet jouw bedrijf er over 3 tot 5 jaar uitzien? Wat voor klanten heb je dan, welke activiteiten doe je? Waar zit het grote verschil met nu? Heb je een nieuwe technologie, of juist een bredere klantenkring? Welke kennis en competenties heb je nodig in je bedrijf? Wat voor soort organisatie kan je daar het beste bij helpen?

Vragen om je op weg te helpen

Wellicht dat ook de volgende vragen je op weg helpen:

  • Welke kennis en competenties heeft jouw bedrijf nodig?
  • Bij welke klanten zou jij graag eens aan tafel zitten?
  • Wat heb je nodig om de volgende groeifase van je bedrijf in te gaan?
  • Als je een ervaren iemand aan zou nemen, wat zou hij of zij moeten doen?

Eigenschappen van de juiste partner

Vervolgens is het goed om na te denken over de eigenschappen van een partner:

  • Zoek je een andere zelfstandig ondernemer, of een groter bedrijf?
  • Gaat het je vooral om de ervaringskennis, of om het netwerk van een partner? Of ben je op zoek naar concepten, databases of machines?
  • Zoek je een partner voor een deel van je activiteiten, of wil je alles in die samenwerking doen?

In contact komen met mogelijke partners

Netwerkborrels

Als ondernemer bezoekt je regelmatig netwerkborrels, recepties of beurzen. Een prima manier om nieuwe contacten op te doen en ook om je product te verkopen. Een goede tip voor de wat meer introverte mensen onder ons: neem zowel wat te eten als te drinken mee zodat je reden hebt om aan te sluiten aan een tafeltje met andere ondernemers. Na even handen schudden staat iedereen dan al snel te vertellen wat zijn of haar bedrijf doet.

Zoeken naar een partner vergt een andere aanpak

Nou is het handig om de wereld te laten weten wat jouw bedrijf allemaal kan. Als je echter op zoek bent naar een partner om mee samen te werken dan is een andere aanpak aan te raden. Op deze manier naar een netwerkborrel of beurs gaan is net zoiets als op internet willekeurig wat adressen in te typen en te kijken of er een interessante website verschijnt. En ging het afscheid nemen op een borrel of beurs maar net zo snel als het wegklikken van een pagina…

Op internet vind je het juiste bedrijf met een zoekmachine zoals Google of Bing, en dat proces start met het intypen van een zoekvraag: bijvoorbeeld ‘goedkope telefoonaanbieder’ of ‘oplossen bug Microsoft Office’. Het zoeken van een mogelijk zakenpartner in real life hoeft niet veel anders te zijn. Ook daar gaat het erom: weet vooral wat je zoekt.

Nu op pad met je zoekvraag

Als je hier even over nagedacht hebt, kun je vast beter je zoekvraag formuleren. En dan wordt een netwerkborrel of beurs veel dynamischer! Mensen gaan met je meedenken, of gaan je mogelijk introduceren bij een collega. En sta je toevallig aan het verkeerde tafeltje, dan zeg je gewoon dat je nog even verder gaat zoeken. Begrip alom!

Wat als zakenpartners jou benaderen?

Het kan ook zijn dat je zomaar benaderd worden door een andere ondernemer. Misschien voel je je gevleid want blijkbaar heb je iets dat een ander niet heeft. Of je wordt juist achterdochtig: wat wil die ander van mij?

In de eerste plaats: ga in elk geval het gesprek aan, ook al is het alleen maar telefonisch. Elk gesprek geeft je inzicht in wat een mogelijke partner doet, wat deze van de markt weet en wat voor kansen hij ziet. Hij of zij benadert je niet voor niets en heeft er blijkbaar over nagedacht. Vraag vooral wat hij of zij samen met jou wil gaan doen, waar de eigen competenties liggen en welke kennis, vaardigheden of middelen jij in de samenwerking moet inbrengen. Als het gesprek interessant genoeg is kun je besluiten om plan te maken voor de samenwerking.

Ter overweging: als je wordt benaderd dan ben je blijkbaar interessant. Wellicht ook voor andere partners die je nog meer te bieden hebben. Schroom daarom niet om wat verder te kijken en met twee of drie partners parallel het gesprek aan te gaan.

Samenwerken met concurrenten mag

Daarbij hoeft u niet bang te zijn voor samenwerking met concurrenten: heel veel bedrijven doen dat. Bijvoorbeeld twee aannemers die samen een specifieke machine aanschaffen, of ING en Friesland bank die hun beurshandel activiteiten onderbrengen op een softwareplatform van concurrent Binck bank omdat dit de goedkoopste oplossing is.

Wees voorzichtig met wat u deelt, maar deel wel

Als het gesprek interessant genoeg is kunt u besluiten om een verder plan te maken voor de samenwerking. Zorg daarbij wel dat uw partner uw specifieke inbreng niet zomaar kan kopiëren. Geef ‘m dus beperkt toegang tot grote databases, kijk of uw technologie bescherm is met een octrooi of exclusieve licentie, registreer eventueel uw ideeën in het i-Depot bij het Benelux Bureau voor de Intellectuele Eigendom. Ook kunt u een geheimhoudingsovereenkomst sluiten met elkaar, dat geeft enige extra zekerheid dat uw plannen niet de week erop door uw partner worden overgenomen.

Gebruik de visie van een derde

Laat uw gezamenlijke plannen vooral eens checken door iemand anders. Als deze de logica achter uw samenwerking snapt en enthousiast is over het nieuwe aanbod dat u dan kunt leveren dan is dat bemoedigend. Werk vervolgens de verdeling van kosten en opbrengsten uit en zorg dat de afspraken helder op papier komen. Doe dit eventueel met een specialist op dit gebied.

Check je partner!

Bij de aankoop van een huis is een bouwtechnische keuring heel normaal en bij de overname van een bedrijf wordt eigenlijk altijd een boekenonderzoek gedaan. Bij het aangaan van een samenwerking wordt vaak een contract getekend zonder echt goed naar het achterliggende bedrijf te kijken.

Toch kan het erg tegenvallen wat je partner echt te bieden heeft. Klantenaantallen kunnen tegenvallen, technologie kan algemeen bekend of achterhaald zijn en soms is de financiële situatie minder rooskleurig dan werd voorgesteld.

Niet alle partnerships eindigen in een gelukkig huwelijk

Recent kwam bij mij een voorbeeld langs van een producent van babyvoeding die een samenwerking wilde aangaan met een kleiner bedrijf dat gespecialiseerd was in verpakkingstechnologie. Het kleinere bedrijf had echt verfrissende ideeën, en claimde de complete productontwikkeling van een nieuwe verpakking te kunnen verzorgen. Aldus werd besloten en de producent betaalde meteen een voorschot voor de ontwikkelingskosten. Toen bleek dat het verpakkingsbedrijf weinig ervaring had in de voedingsmiddelen industrie en zich geen raad wist met de specifieke eisen voor voedselveiligheid. Het partnership had nog wel waarde, maar enkel door de nieuwe ideeën, niet door de kennis over de uitwerking.

Partner due dilligence

Een dergelijke situatie had voorkomen kunnen worden door een zogenaamde ‘partner due dilligence’. Dit is een uitgebreid onderzoek bij de partner, niet zozeer op zijn financiele situatie maar wel op de klanten, kennis en kunde die hij in de samenwerking gaat inbrengen. Neem de mogelijkheid van zo’n onderzoek dan ook op in het contract en laat dit direct na ondertekening uitvoeren. Dat kan veel teleurstelling schelen.

Een samenwerkingsvorm vinden

Hebben jullie een goed beeld wat je samen wilt doen? Denk dan na over de juiste samenwerkingsvorm. De Coöperatie expert heeft hiervoor een handige test. Of we helpen jullie in een gesprek met het vinden van de juiste vorm.

Financiering in een bedrijfscoöperatie met ledenkapitaal

Een coöperatie is een bedrijf, en voor bepaalde activiteiten is kapitaal nodig. Hoe regel je financiering in een coöperatie? Banken zullen dit niet snel doen, tenzij de ondernemers garant staan. Toch zijn er mogelijkheden.

Ledenrekeningen en certificaten in plaats van aandelen

Als je de financiering kunt regelen met de inleg van kapitaal door verschillende partijen, dus niet met een lening, dan is de coöperatie een flexibele vorm. De inleg van ieder lid wordt bijgehouden op een zogenaamde ledenrekening. Dit tegoed is niet opeisbaar, maar kan wel overgedragen worden.

Hoe meer tegoed, des te meer stemrecht je hebt, en een des te groter aandeel van de winst je krijgt. Hiermee lijkt de coöperatie op een BV, alleen hoef je van tevoren niet vast te leggen wie welk deel financiert. Ook hoef je niet bij elke wijziging terug naar de notaris.

 Zie onze investeringscoöperatie en onze start-up coöperatie.

Crowdfunding

Crowdfunding is een alternatieve wijze om een project of bedrijf te financieren. Een grote groep particulieren financiert elk een klein bedrag. Vaak staan projecten op een internetsite gepresenteerd en kun je via zo'n crowdfundingplatform je betaling doen. Soms krijgt de ondernemer pas het geld als het beoogde bedrag is toegezegd. Crowdfunding werkt vooral als je een consumentenproduct in de markt wilt zetten of bij duidelijk maatschappelijk betrokken initiatieven. Het is een mooie manier om te testen of mensen in je initiatief geloven en er markt in zien.

In de meeste gevallen gaat het bij crowdfunding om het verstrekken van een lening, bijvoorbeeld aan de BV van de ondernemer. De financier heeft in dat geval dus verder geen invloed op zijn investering. Hij moet afwachten of hij het geld terugkrijgt.

Dit geeft minder betrokkenheid dan wanneer de financiers ook formeel invloed krijgen. Met name wanneer het project zich vlakbij afspeelt (het gaat om gebiedsontwikkeling, een school of culturele activiteit) of wanneer de financiers ook de gebruikers zijn (bij een dorpskroeg, internetplatform, beveiliging) kan het interessant zijn om financiers (gedeeltelijke) zeggenschap te geven. Dit geeft een waarborg dat je de wensen van de doelgroep niet uit het oog verliest, het kan extra inzet en free publicity opleveren en het hoeft jouw rol als ondernemer niet te beperken.

Die zeggenschap kun je vormgeven in een coöperatie. Zolang je financiert kun je lid worden en heb je ook stemrecht. Winsten worden verdeeld tussen de ondernemer en de financiers. Of de initiatiefnemer krijgt een vergoeding voor zijn activiteit en vervolgens nemen de financierende leden de coöperatie over. Dit laatste gebeurt soms bij energiecoöperaties.

 

Wil je meer weten over financiering in coöperaties? Neem contact op met Alfred Griffioen via 06-24776865.

Kredietunie

Eén belangrijke coöperatievorm hebben we dan nog niet gehad: de kredietunie. Hierbij wordt niet één specifieke activiteit gefinancierd, maar juist een groot aantal ondernemingen. Daardoor wordt het risico gespreid. Hiervoor werken we samen met de Vereniging van Kredietunies in Nederland.

De Vereniging van Kredietunies in Nederland is de branche vereniging voor kredietunies in Nederland. De VKN wil zo dicht mogelijk bij het oorspronkelijk en internationaal geaccepteerde concept van de kredietunie blijven: van, voor en door ondernemers, samen rendement en risico’s delen, de “common bond”, compact, transparant en controleerbaar, met een degelijk en veilig kredietproces. Een kredietunie bevordert de onderlinge solidariteit tussen kredietgevers en kredietnemers, heeft geen winstoogmerk en is op democratische leest geschoeid.

Bij de VKN aangesloten kredietunies voldoen aan internationale standaarden van de World Council of Credit Unions, waar het gaat om regels van governance, compliance met nationale wetgeving, gedragscode en regels van een behoorlijke bedrijfsvoering. De Vereniging van Kredietunies in Nederland en de Coöperatie expert werken samen om deskundigheid, kennis en ervaring op het gebied van juridische, fiscale, financiële, administratieve, strategische onderwerpen te delen, c.q. ter beschikking te stellen van haar leden. www.dekredietunie.nl