Kies de juiste rechtsvorm

Eénmanszaak, vof, BV, coöperatie of stichting? Welke rechtsvorm past het beste bij jouw plannen? Wij helpen je bij de keuze. Doe de test of download ons boekje.

Rechtsvorm keuzetest

Ontdek in maximaal 7 stappen welke rechtsvorm de juist is.

Advies: Eenmanszaak
Vanwege de beperkte risico's die je loopt heb je geen BV nodig. Een eenmanszaak is bij jouw winstniveau fiscaal het meest gunstig.
Vanwege het feit dat je je risico's kunt verzekeren heb je geen BV nodig. Een eenmanszaak is bij jouw winstniveau fiscaal het meest gunstig.
Vanwege de beperkte risico's die je loopt heb je geen BV nodig. Een eenmanszaak is bij jouw winstniveau fiscaal het meest gunstig.
Vanwege het feit dat je je risico's kunt verzekeren heb je geen BV nodig. Een eenmanszaak is bij jouw winstniveau fiscaal het meest gunstig.
Voor je aansprakelijkheid heb je geen BV nodig, maar fiscaal gezien kan deze bij jouw winstniveau gunstiger zijn dan een eenmanszaak.
Omdat je je risico's goed kunt verzekeren heb je geen BV nodig, maar fiscaal gezien kan deze bij jouw winstniveau gunstiger zijn dan een eenmanszaak.
Een Besloten Vennootschap (BV) lijkt voor jou de beste oplossing. Alleen op deze manier is je aansprakelijkheid goed af te dekken. Als je een grote claim krijgt van een klant, of veel kosten van een personeelslid, dan gaat uiteindelijk je BV failliet, maar blijf jij of een eventuele holding BV buiten shot.
Een Besloten Vennootschap (BV) lijkt voor jou de beste oplossing. Alleen op deze manier is je aansprakelijkheid goed af te dekken. Als je een grote claim krijgt van een klant, of veel kosten van een personeelslid, dan gaat uiteindelijk je BV failliet, maar blijf jij of een eventuele holding BV buiten shot. Daarnaast is dit pakt een BV bij jouw winstniveau fiscaal vaak ook het gunstigst uit.
Hier heb je een dillema. Vanwege de risico's die je loopt is het werken vanuit een BV aan te raden. Maar van die BV ben je dan snel aanmerkelijk belang houder (dat heb je al als je 5% van de aandelen bezit) en dat betekent dat je je een 'gebruikelijk loon' of DGA-salaris voor je werkzaamheden moet uitbetalen. En dat is vaak minimaal 47.000 euro per jaar, dus meer dan je winst. Laat je hierover door een expert adviseren.
Ook als je iemand in dienst neemt, een opdracht geeft voor bijvoorbeeld het maken van een brochure, of je hebt een vaste leverancier, dan ben je mogelijk wel (deels) van elkaar afhankelijk, maar je hoeft nog niet een gezamenlijk bedrijf te hebben. Een overeenkomst met elkaar volstaat.

Hoe groot is het risico dat een opdrachtgever jullie aansprakelijk stelt? Als je een nieuwe website bouwt, is dat risico klein, als je een auto repareert, en de remmen doen het niet goed, kan dat risico groter zijn.

Een vof wordt vaak gekozen als het echt om een gezamenlijk bedrijf gaat. Daarbij is het moeilijk om onderscheid te maken tussen de inbreng van elk van de vennoten. Het grootste verschil tussen een maatschap en vof is de aansprakelijkheid van de leden. Bij een vof zijn de vennoten ieder aansprakelijk voor de alle schulden van de vof. Dus ook de schulden veroorzaakt door een andere vennoot.
Een maatschap wordt vaak gekozen bij specifieke beroepen: zoals artsen of advocaten, waarbij een ‘maat’ hoofdzakelijk alleen voor een klant werkt, en een gebouw of secretariële ondersteuning wordt gedeeld. Bij een maatschap zijn de maten ieder aansprakelijk voor een gelijk deel van de schulden van de maatschap. Daarnaast kan een opdrachtgever er voor kiezen om één maat volledig aansprakelijk te stellen, als dat degene is aan wie specifiek de opdracht is verleend.

Als je full-time via de samenwerking wilt werken, dan kan dit consequenties hebben voor je fiscaal ondernemerschap. De wet zegt dat je ondernemer bent als je ‘voor eigen rekening en risico’ een onderneming drijft, en de belastingdienst heeft dat uitgewerkt in een aantal indicatoren, zoals het zelf reclame maken en het hebben van verschillende opdrachtgevers. Als je alleen maar aan de samenwerkingsvorm factureert, dan heb je dat niet.

Als je risico's op aansprakelijkheid voor fouten van je partners goed af wilt dekken, dan is het handig om te kiezen voor een rechtsvorm die tussen jullie en de klant staat. Je kunt dan kiezen uit een BV of coöperatie. De een is bekender, de ander flexibeler.

Een BV heeft aandeelhouders, en winst en zeggenschap worden verdeeld naar rato van het aantal aandelen. Als er nieuwe aandeelhouders moeten komen, of als de aandelenverhouding anders moet, dan kan dat alleen bij de notaris. Het voordeel van de BV is dat dit een bekende rechtsvorm is, en dat het gemakkelijker is om zaken te doen met banken en accountantskantoren.
Een coöperatie is flexibeler dan en BV. Een coöperatie heeft net als een vereniging leden, en het bestuur houdt bij wie dat zijn. Om lid te worden is alleen een besluit nodig, je hoeft niet naar de notaris, ook niet als iemand zijn lidmaatschap overdraagt of opzegt. De statuten regelen hoe zeggenschap en winst worden verdeeld. Zeggenschap kan bijvoorbeeld ook afhangen van hoeveel jaar je al lid bent, en de winst kan ook verdeeld worden naar rato van hoeveel je via de coöperatie verkoopt of inkoopt.
Lees meer over samenwerken in een ondernemerscoöperatie.
Als je dit met een klein groepje ondernemers doet, dat elkaar goed kent, dan kun je dit in prima in een vennootschap onder firma (vof) doen. Je moet dan alleen wel in je overeenkomst, in bij de inschrijving bij de Kamer van Koophandel regelen dat voor grotere verplichtingen er altijd twee mensen moeten tekenen. Anders kun je via de vof zomaar verplicht zijn om mee te betalen aan het luxejacht dat je medevennoot heeft gekocht.
Als je met een grotere groep samenwerkt dan is een vof niet meer handig. Je kunt beter een rechtspersoon oprichten die de inkoop doet, en de producten of diensten doorverkoopt aan de leden. Dit kan een faciliterende of inkoop-coöperatie zijn, waarbij je gemakkelijk leden kunt toevoegen of er afscheid van kunt nemen, en je de inkoopwinst kunt verdelen naar rato van ieders inkoopvolume.
Lees meer over samenwerken in een inkoopcoöperatie
Bij een coöperatie kun je maandelijks ieders investeringen bijhouden. Je geeft samen een waarde aan alle inbreng, zowel in geld als in tijd, en je vertaalt dit in punten. Je telt steeds op hoeveel punten iedereen krijgt, de optelsom bepaalt ieders ‘aandeel’ in het bedrijf. Winstverdeling en zeggenschap zijn hieraan gekoppeld. Tot aan het moment van break- even houd je bij hoeveel iedereen investeert, dan kun je eventueel de coöperatie omzetten in een BV.
Lees meer over samenwerken in een start-up coöperatie.
Als je met een kleine groep investeerders bent en het is duidelijk hoeveel iedereen gaat inbrengen, dan ligt een BV voor de hand. Bijvoorbeeld als je samen belegt in vastgoed, in aandelen van andere bedrijven of als je beide zelf niet operationeel in het bedrijf actief bent. Zeggenschap en winstverdeling zijn gekoppeld aan hoeveel kapitaal je hebt ingelegd.
Bij een coöperatie maakt het niet uit hoe de uiteindelijke verhoudingen komen te liggen. In die gevallen is een investeringscoöperatie een logische keuze. Hierbij zijn zeggenschap en winstverdeling net als bij een BV gekoppeld aan hoeveel kapitaal je hebt ingelegd. Het verschil is dat je niet voor elke mutatie naar de notaris hoeft, met bijbehorende kosten.
Lees meer over smenwerken in een investeringscoöperatie.
Bij een coöperatie kan zeggenschap en winstverdeling net als bij een BV gekoppeld zijn aan hoeveel kapitaal je hebt ingelegd, maar dit kan ook op andere manieren ingericht worden. Het verschil met een BV is dat je niet voor elke mutatie naar de notaris hoeft, met bijbehorende kosten. Je kunt dus gemakkelijk nieuwe mede-eigenaren laten in- en uitstromen, bijvoorbeeld als het mede-eigendom gekoppeld is aan het werknemerschap.
Lees meer over samenwerken in een investeringscoöperatie.
Als je met een kleine groep eigenaren bent en het is duidelijk hoeveel iedereen gaat inbrengen en hoe groot ieders zeggenschap moet zijn, dan ligt een BV voor de hand. Dit is een bekende rechtsvorm. Wil je meer flexibiliteit in de inrichting? Maak dan ook het vergelijk met de coöperatie.

Als je een grotere groep mede-investeerders wilt, dan is het niet handig om ze allemaal aandelen te geven. Beter is het om deze aandelen te certificeren: je richt dan een nieuwe rechtspersoon op, die een deel van de aandelen koopt, en deze rechtspersoon geeft evenveel certificaten uit als deze aandelen heeft, en stort de winst per aandeel door aan de certificaathouders. Certificaten zijn namelijk zonder tussenkomst van de notaris overdraagbaar.

Als je de certificaathouders wel zeggenschap wilt geven, gebruik dan een financieringscoöperatie. De certificaathouders zijn dan tevens lid van de coöperatie, en zij kiezen zelf hun bestuur. Als de coöperatie (mede)aandeelhouder is van een BV, kan de vergadering het bestuur ook opdrachten meegeven waar het gaat om het stemmen in de aandeelhoudersvergadering van de BV.
Lees meer over een financieringscoöperatie
Als je de certificaathouders geen zeggenschap wilt geven, gebruikt dan een stichting. De directie van de BV vormt dan ook het bestuur van de stichting, en zal dus nooit zijn stemrecht gebruiken voor een afwijkend standpunt. De gebruikelijk naam hiervoor is STAK of Stichting Administratie Kantoor.
Lees meer over de STAK
Als er wel een economisch belang is, dan is een coöperatie vaak een goede rechtsvorm. De betrokken worden dan lid van de coöperatie, en hebben daarmee een overeenkomst, bijvoorbeeld om diensten af te nemen, zoals elektriciteit, zorg of beveiliging. Of om samen te investeren, bijvoorbeeld in zonnepanelen, een ‘wijkwoonkamer’ of auto’s om te delen.
Lees meer over social enterprise coöperaties
Als jullie een democratische structuur willen waarin alle betrokkenen mee kunnen praten, dan is een vereniging beter. Bij een vereniging beslissen de leden, en in principe iedereen die zich aan wil sluiten kan lid worden. De leden kiezen het bestuur, dat de lopende zaken regelt. De algemene ledenvergadering neemt een aantal belangrijke besluiten, zoals het vaststellen van de begroting. Hierover mee mogen beslissen creëert ook betrokkenheid.
Als dit een klein, stabiel groepje moet zijn, die bijvoorbeeld ook de benodigde fondsen levert, dan ligt een stichting voor de hand. Stichtingsbestuurders benoemen elkaar en hoeven verder geen verantwoording af te leggen, tenzij er boven hen weer een raad van commissarissen of een raad van toezicht is geplaatst. Maar ook hiervoor geldt meestal dat deze zelf zijn opvolgers benoemt.

Deel de test

Share on linkedin
Share on twitter
Share on facebook
Share on whatsapp
Share on telegram

Download het boekje

Alle vragen staan ook uitgewerkt in ons boekje ‘Kies de juiste rechtsvorm voor jullie samenwerking’. Download het boekje en ontvang maximaal 6x per jaar onze nieuwsbrief.

    beveiligd met reCAPTCHA Privacy - Voorwaarden

    Relevante artikelen